In navolging van mijn blogpost over LinkedIn en headhunters, wil ik met plezier ook een postje wijden aan de befaamde / beruchte “recommendations” op LinkedIn.
Iedereen die LinkedIn gebruikt, heeft ze al zien passeren en zo niet, wees gerust, vroeg of laat is het zo ver. Collega A schrijft over collega B een superduperdeluxe aanbeveling. Collega B is de beste in zijn vak, uniek en zeldzamer dan een eenhoorn, bevat alle skills die een werkgever zich maar dromen kan én heeft eigenlijk helemaal geen minpunten.
Om het met Eddy Wally zijn woorden te zeggen: “Woooww”, “Geeewelllldigghh”.
Na bovenstaande lofzang over collega B moet je je LinkedIn updates pagina goed in de gaten houden. Binnen de kortste keren, meestal zelfs diezelfde dag of daags nadien, zie je een soortgelijke aanbeveling verschijnen van collega B over collega A. Ah ja, of wat had u gedacht?
Onder het motto: ik was jouw rug, was jij dan de mijne?
Het wordt allemaal nog geestiger als je dan bedenkt dat diezelfde collega A de week voordien nog net iets anders getinte opmerking over collega B zat te verkondigen.
Om het met onze goede vriend Leterme zijn woorden te zeggen: “Wie gelooft die mensen nog?”.
Gelooft er überhaubt iemand iets van die recommendations eigenlijk? Voor mij komen die over zoals de speeches in de kerk, bij een begrafenis. Niks dan lof over de doden… “het was zo nen brave, lieve, vriendelijk, *vul zelf superlatieven in*”.
Zucht. Neen dank u, voor mij geen recommendations. Heb ik er dan geen enkele? Natuurlijk wel, de volle vier om precies te zijn. Gekregen zonder reden welteverstaan. Niets van die praktijken hierboven.
Zijn er HR mensen of managers die dat lezen en dan effectief denken dat ze de grootste vis ooit aan hun virtuele haak aan het slaan zijn? Kan toch niet? En indien wel, dan denk ik dat ze het verdienen van die mensen binnen te halen. Dan komt de waarheid wel aan het licht, op hun eigen kosten ;-).
Persoonlijk denk ik dat je een betere indruk maakt als je vol vertrouwen de contactgegevens van een vorige manager of andere leidinggevende kan doorspelen met de bijhorende boodschap dat men altijd contact mag opnemen met die mensen. Veel geloofwaardiger, ook al kan hier dezelfde tactiek toegepast worden… maar die kans is veel kleiner denk ik.
De enige recommendations die ik schrijf, zijn voor (ex-) collega’s waar ik graag en goed mee samengewerkt heb. En dan nog zonder dat ze er komen achter vragen. Dat spreekt voor zich. De waarde is trouwens veel hoger als je een aanbeveling “zomaar” krijgt vind ik.
En nu allemaal naar uw LinkedIn account, op zoek naar zondaars! Let ook op de data van hun aanbevelingen voor elkaar, gegarandeerd liggen die zéér kort bij elkaar ;-). Oh, en voor ik het vergeet. Vergelijk die aanbevelingen eens met wat deze “Recommendations Generator” kan uitspuwen met enkel een naam, geslacht en bedrijf.
Enjoy the show.
PS: vergeet ook niet te letten op de mooie Nederlands naar Engels vertalingen (Google Translate?) en de vele spellingsfouten in de Engelse versies. Naast die geloofwaardige aanbevelingen, gaan schrijffouten en andere soortgelijken zeker en vast een goede indruk maken bij een toekomstige werkgever ;-).
Tip: als je de taal niet machtig bent, stick to Dutch.
Year: 2011 (Page 10 of 10)
Tienduizendnegenhonderdzevenenvijftig dagen.
Zo oud ben ik vandaag geworden en om heel eerlijk te zijn, ik stond daar niet voor te springen! Voor eeuwig en altijd afscheid genomen van de “2” om de “3” in de plaats te krijgen.

Gelukkig had ik een dagje vakantie om mij over deze gebeurtenis heen te krijgen ;-). Zal ik dan nu beginnen met groot worden? Of is dat pas voor “later”?
In ieder geval: bedankt aan iedereen die sms’jes, tweets, Facebook wall posts, e-cards of authentieke kaartjes opgestuurd heeft!
Postief beginnen: ik ben serieus fan van LinkedIn, beter gekend als de Facebook voor professionele doeleinden. Ik heb mijn huidige job verkregen omdat ze mij gevonden en gecontacteerd hebben via LinkedIn.
Daarnaast vind ik het een interessante tool om in contact te blijven met ex-collega’s – wie zit waar, wie doet wat,… – en is het ook zeer handig als je op zoek bent naar een contactpersoon bij firma X of iemand met skills van product Y. Tot zo ver niets dan lof!
Maar wat mij wel af en toe stoort aan LinkedIn, zijn die headhunters die totaal at random mensen contacteren en lastig vallen met irrelevante voorstellen.
Zo kreeg ik onlangs nog een bericht betreffende een job voor AS400 en mainframe toepassingen. Als iemand 2 minuten de tijd zou nemen om mijn LinkedIn profiel te bekijken, dan zouden ze zien dat mainframe en soortgelijken een serieuze ver-van-mijn-bed-show is.
Ik ben vooral bezig met EMC soft- en hardware, Windows omgevingen en virtualizatie in het bijzonder, meer bepaald VMware. Dààr liggen mijn interesses (en competenties) beste headhunters, en nergens anders. Remember!
Ik vermoed dat die gasten gewoon gans hun netwerk aanvinken en een “mail merge” versturen naar iedereen die ze vastkrijgen. Onder het motto “als ik 1000 man aanschrijf, zal er wel minstens 1 goede tussen zitten” denk ik dan? In ieder geval verdoen ze er mijn tijd mee en vooral ook hun eigen tijd, want ik ben altijd zo beleefd om hen een mailtje terug te sturen met uitleg en informatie waarom hun vacature helemaal niet relevant is voor mijn profiel.
Naïef van mij? Misschien, maar ik hoop stilletjes dat ze de volgende keer meer gericht gaan “hunten” en de volgende kandidaat dan niet diezelfde frustaties doormaakt :-). En eerlijk gezegd, een HR-bedrijf dat op die manier kandidaten zoekt, geeft mij weinig vertrouwen en vooral geen goesting om op hun voorstellen in te gaan.
Bent u een headhunter en leest u mee? Noteer bovenstaande tip in uw notitieboekje in geval u ook meedoet aan bovenstaande praktijken en doe er iets nuttigs mee. Uw klanten gaan meer tevreden zijn, uw potentiële kandidaten ook en op het einde van de dag gaat u zich ook beter voelen. Quality before quantity!
Aan al de andere hunters out there, die zich wel correct informeren alvorens mensen te contacteren – proficiat, goed bezig en doe vooral zo verder!
Data, of beter gezegd, virtuele machines kopiëren van of naar een datastore in je VMware omgeving, kan een tijdsconsumerende taak zijn. Zonder gebruik van third party tools, doe je dit via de VMware Infrastructure Client met behulp van de datastore browser. Op zich werkt dat wel, maar het is nogal aan de trage kant en niet altijd even betrouwbaar.
De mensen van Veeam hebben daar gelukkig een oplossing voor: Veeam Backup and FastSCP. Hun backup oplossing is niet gratis, maar hun FastSCP tooltje is dat wél en dat werkt zeer goed en veel sneller dan de ingebouwde tool van VMware zelf.
Als je nu net als mezelf een x64 OS op je computer hebt staan, dan krijg je een serieus lange foutmelding te zien op het moment dat je een folder met daarin de bestanden van je VM naar een datastore wil kopiëren (met “800700c1” op het einde van de boodschap).
Veeam zegt dat het op te lossen is door een x32 OS te gebruiken omdat hun ondersteuning voor x64 nog experimenteel is, maar ik ga mijn portable niet herinstalleren voor die reden + ik wil eigenlijk helemaal geen x32 OS meer.
Zeer cryptisch allemaal, maar eigenlijk zeer simpel op te lossen! Ofwel kopieer je geen folders, maar losse bestanden, maar dat is geen optie in mijn geval daar ik een volledig labo wil uploaden van mijn externe schijf naar mijn VMware omgeving en ik heb geen zin om dit file per file te gaan doen (per VM).
Een andere workaround is om niet naar de datastore te browsen in Veeam FastSCP, maar om via de host te gaan en daar dan naar de VMFS volumes te zoeken om dan je copy op dat niveau te doen. Even goed, alleen eventjes zoeken.
Beste oplossing: de workaround van VirtualVCP volgen waardoor Veeam FastSCP gewoon werkt op alle niveaus. De exacte how-to kan je hier terugvinden, maar het komt er in feite op neer dat je een bepaalde SDK van Microsoft moet installeren en dan een commando ingeven in een CMD-venster om deze SDK door Veeam te laten gebruiken.
Vijf minuutjes werk voor veel gebruiksgenot nadien ;-).
Gisteren (of was het eergisteren?) kreeg ik een mailtje van VMware Certification: of ik eventjes mijn adresgegevens kon confirmeren en akkoord gaan met de EULA zodat ze mijn certificaat en andere bijhorende zaken konden opsturen. Na het confirmeren, werd mijn nieuw certificaat aan mijn “Transcript” toegevoegd op de VMware website en wat zag mijn oog daar?
Ik ben VCAP-DCD #84 :-). Met andere woorden, de 84ste persoon ter wereld om het VCAP-DCD certificaat te behalen.
Het klinkt misschien belachelijk, maar ik vind het stiekem toch leuk om bij de eerste 100 te zijn :-).
Backups zijn kritisch en hun belang is van groot belang, niet alleen voor bedrijven, maar hoe langer hoe meer ook voor particulieren. Meer en meer mensen bewaren hun “leven” op hun computer via digitale foto’s, digitale video’s, documenten, rekeninguitreksels, klantengegevens, boekhouding,… you name it.
Vroeg of laat gebeurt er iets waardoor je al die belangrijke data voorgoed kwijt bent. Overstromingen, brand, diefstal, user mistake,… the sky is the limit als het op vlak van mogelijke rampen aankomt, maar dat je een van die zaken tegenkomt is een kwestie van tijd.
Of je nu op Windows, op Mac OS, op Linux of nog een ander besturingssysteem werkt, backups heb je altijd nodig. Hoe vaak ik al mensen in paniek aan de telefoon had met de vraag of ik hun foto’s nog kon redden van een defecte schijf, ik kan de tel niet meer bijhouden. De ene keer kan ik met succes alles terughalen, de andere keer hebben ze pech en is de enige mogelijke optie (die niet altijd succesvol is) de schijf opsturen naar een gespecialiseerde firma die dan ettelijke duizenden Euro’s aanrekent om de schijf in kwestie te ontleden en een data recovery te doen.
En zeg nu zelf, wie gaat er een paar duizend Euro op tafel leggen (willen of kunnen) voor die foto’s van dat familiefeestje terug te halen? Meestal laten de mensen het zo en pakken ze het verlies er maar bij…
Gelukkig zijn er genoeg betaalbare oplossingen om bovenstaande situaties te vermijden! De goedkoopste is een externe harde schijf naar waar je op regelmatig tijdstip je belangrijke data overzet. Als Apple gebruiker maak ik hiervoor gebruik van Time Machine voor een backup per uur. Daarnaast neem ik ook nog wekelijks een “image” backup met behulp van SuperDuper!.
Time Machine is handig voor bestanden terug te halen, maar kan ook gebruikt worden bij een herinstallatie. SuperDuper! images zijn niet alleen bootable, maar ze geven je ook je Mac terug zoals die op het moment van backup was. Naast het grote voordeel van bootable zijn, zorgen image backups ook voor snelle restores (bijvoorbeeld als je je harde schijf vervangt met een nieuw, groter exemplaar).
Time Machine in combinatie met SuperDuper! geeft al een zeer goede backup policy naar externe schijven, maar je zit opnieuw met een “SPOF” oftewel Single Point Of Failure: de externe schijf in kwestie! Om dit te voorkomen, kopieer ik mijn data ook nog eens naar mijn NAS (Network Attached Storage) die zijn schijven in een RAID5 opstelling geconfigureerd heeft.
Om nu dataverlies te ondergaan moet mijn primaire harde schijf (in mijn geval SSD) het begeven, moet de externe harde schijf de pijp aan Maarten geven én moet mijn NAS er ook mee ophouden.
Onmogelijk hoor ik u denken? Fout! Wat bij een overstroming of een brand? Of wat als er dieven over de vloer komen die al je computermateriaal meepakken?
Backups naar DVD’s is geen optie: te klein, duurt te lang en DVD’s (en andere optische media) verliezen na een tijd hun data (enkele jaren, maar toch). Backup naar tapes is een beetje passé en eerlijk gezegd, voor thuis vind ik dat totaal niet gebruiksvriendelijk en goedkoop is het ook al niet.
Recent is er echter een nieuwe mogelijkheid waar iedereen die een beetje in de tech-wereld thuis is, zeker en vast al van gehoord heeft: backups naar de “cloud”.
Met de “cloud” bedoelt men eigenlijk een externe provider. Je huurt ergens storage, je stuurt je data daarnaartoe via het Internet en klaar is kees. De externe provider moet zorgen voor redundantie en veiligstelling van je data.
Vroeger was zo iets ondenkbaar wegens veel te beperkte internetabonnementen in ons Belgenlandje, maar recentelijk zijn de limieten hoog genoeg om zulke zaken mogelijk te maken. Het staat je trouwens ook vrij om niet al je data naar de “cloud” te backuppen, maar je bijvoorbeeld te beperken tot je fotoarchief of je werkdocumenten om maar enkele voorbeelden te noemen.
Als je toch al je data online wil backuppen, dan kan je in plaats van alles te uploaden, ook je data op een externe schijf kopieren en die schijf opsturen naar je cloud backup provider. Zij kopieren de data dan naar je storage en daarna doe je de “updates” van je dataset via het gekende kanaal. Simple!
De cloud backup is tevens ook je “last resort”. Eerst probeer je restores te doen van je lokale backups en pas als die onbruikbaar zijn, ga je beroep doen op je cloud backup. Als je in dat laatste geval een volledige restore van bijvoorbeeld 200GB wil, kan je (tegen betaling welteverstaan) een externe schijf laten opsturen via koerier met daarop al je data. Kwestie dat je niet eerst 200GB moet downloaden alvorens je je gegevens terug hebt.
Mijn eerste “cloud” provider is Dropbox. Zowel de documenten van mijn werklaptop als die van mijn prive computers, zijn gehuisvest bij Dropbox. Al mijn documenten zijn dus eigenlijk al safe. Naast Dropbox (waar ik een abo van 50GB op heb notabene) heb ik sinds een tweetal maanden ook een abonnement op “Crashplan” waar mijn volledige Macbook zijn data naartoe stuurt.


Crashplan heeft een mooie interface, is zuinig op je resources, doet aan deduplicatie en compressie zodat je minder upload te verwerken krijgt, biedt unlimited storage aan en is daarnaast nog een van de goedkopere providers van cloud storage / backup. Plus ze kunnen je updates van je backups sturen via Twitter en andere sociale media en ze zijn zelf ook vertegenwoordigd op Twitter en reageren snel op vragen.
En ja, ik heb andere alternatieven getest zoals Backblaze en Mozy. Ik vond Crashplan beter werken en dus was de keuze snel gemaakt, maar mogelijk denk je er zelf anders over, dus testen is de boodschap. Crashplan laat ook toe om lokaal een backup te maken (als alternatief op bijvoorbeeld Time Machine) en in dat geval zal hij eerst een restore van die lokatie proberen te doen alvorens naar de “cloud” te gaan.
Er zijn nog veel meer mogelijkheden met Crashplan, maar check hun site voor al die details, ze leggen dat beter uit dan dat ik dat hier kan ;-). Weetje: ik betaal $50 per jaar om onbeperkt veel data naar de bewuste cloud te backuppen via Crashplan. Voor dat geld kan je nog geen extra externe schijf kopen die je dan bij vrienden of familie zou leggen als “offsite” backup oplossing.
Oh ja, en voor ik het vergeet: mijn Windows machines backuppen elke dag naar mijn Windows Home Server, kwestie dat ik ook die machines snel kan terugbrengen naar een werkende status ;-).
Conclusie: backups zijn belangrijk en een goed plan van aanpak is cruciaal om in tijden van miserie geen extra zorgen te hebben. Backups zijn zoals anti-biotica. Niemand neemt ze graag, maar iedereen die goed ziek is, is toch serieus content dat er een middel is om hen weer beter te maken.
Begin er vandaag mee, want morgen is het misschien te laat…
Exact twee maanden geleden ging ik in op VMware’s uitnodiging om deel te nemen aan het VCAP-DCD béta examen. Ik had slechts enkele avonden (die overgingen in lange, vermoeiende nachten) om de “exam blueprint” door te nemen en zoveel mogelijk materie te verslinden, maar ik had besloten alles op alles te zetten.
Indien ik niet geslaagd zou zijn, was ik enkel het geld kwijt om mezelf te registreren voor het examen. De tijd was niet weggesmeten omdat ik sowieso de materie opnieuw had doorgenomen.
Weken gingen voorbij zonder enige update vanuit VMware’s kamp. Op Twitter en diverse blogs zag ik evenees vragen rijzen van lotgenoten die ook het béta examen hadden afgelegd. Wanneer zouden we onze score weten? En vooral, zou ik geslaagd zijn?
Vorige week zag ik op Twitter enkele tweets passeren van mensen die het kunnen weten: VMware zou de resultaten van het VCAP-DCD béta examen ten laatste op 11 januari 2011 bekend maken. En dat zou niets te laat zijn, want ongeveer een week geleden gingen de inschrijvingen voor het examen open zodat ook niet-genodigden zich alvast konden opgeven op het examen te ondergaan.
Gisterenavond, rond een uur om elf als ik me goed herinner, was het zo ver! Het welgekende geluid van nieuwe mail galmde door de luidspreker van mijn iPhone. Ik moet onbewust geweten hebben hoe laat het was, want toen ik mijn mail app open deed, zag ik inderdaad een mailtje van “VMware Certification”!
Spannend!
Mailtje openen. Attachement met de score openen. De zin lezen “your result: PASS” en het uitschreeuwen van blijheid. Enkele tellen later de rest van de tekst lezen en opeens opmerken dat het niet mijn naam noch mijn VCP ID zijn die de score vergezellen! Huh?
Snel Twitter open gooien. Euforie alom bij andere mensen die een mailtje gekregen hebben. Snel de vraag stellen of ze de naam en zo al gecheckt hebben op hun resultatenblad en niet veel later een “ooohh noooo” terug krijgen. VMware Certification had een serieuze blunder gedaan en iedereen de verkeerde resultaten gestuurd.
Niet veel later viel er een tweede mail in de virtuele mailbox. Of we de vorige mail konden negeren, de informatie die erin zat onder geen beding te delen en vooral geduldig te zijn, want de correcte “score card” kwam er ASAP aan.
Ondertussen was het middernacht gepasseerd en was ik natuurlijk zo wakker van de euforie, teleurstelling,… dat ik niet goed meer kon slapen. Per slot van rekening kon er elk moment een mail binnenkomen met de juiste resultaten!
Uiteindelijk ben ik toch in slaap gevallen, maar rond een uur of vier vannacht werd ik opnieuw wakker, net op het moment dat mijn iPhone opnieuw die welgekende toon de wereld instuurde! Ik had opnieuw mail! Op zich niets speciaals, want ik word elke ochtend wel wakker met een mailtje of tien, maar voor de een of andere reden had ik zo een vermoeden dat er nieuws van het VMware front zou zijn…
De spanning was letterlijk te snijden toen ik mijn inbox inspecteerde… mail… van VMware Certification! Deze keer was het wel degelijk de correcte score card. Vol goede moed opende ik de PDF, checkte ik mijn naam om zeker te zijn dat het deze keer in orde was om nadien mijn ogen te laten afdwalen naar het eigenlijke resultaat.
“Congratulations, you have passed the VMware Certified Advanced Professional – Datacenter Design béta exam!”
Met minder woorden: ik ben geslaagd in het examen. De lange avonden / nachten studiewerk, de opgeofferde feestdag, het slopende examen (maar liefst vier lange uren) en het vele stressen over het resultaat hebben hun vruchten afgeworpen!
Volgende uitdaging op de lijst: VMware’s VCAP-DCA examen. Wenst u me opnieuw geluk, want ik heb de indruk dat het de vorige keer geholpen heeft :-).
Puur om mij te amuseren en ook wel om mezelf ergens te verplichten van meer foto’s te maken, heb ik een “Project 365‘ set aangemaakt op mijn Flickr account.
Voor zij die niet moesten weten wat dat is: het is de bedoeling om elke dag een foto te maken van iets dat je boeit, tegenkomt,… en die dan online te plaatsen. Puur entertainment dus.
Mijn foto van vandaag:
Mijn eerdere (en toekomstige) foto’s kan je hier terugvinden. Feedback natuurlijk altijd welgekomen.
Als je regelmatig met VMware ESX (al dan niet vSphere) aan de slag gaat, heb je zonder twijfel al eens met “intranet” vSwitches gewerkt. Hiermee bedoel ik een vSwitch die niet gelinkt is aan een pNIC (een fysieke netwerkkaart).
Zelf gebruik ik zulke oplossing regelmatig als ik een sandbox omgeving wil maken waarbij een aantal virtuele machines enkel met elkaar mogen communiceren. Een serieus lastig probleem waar je mee geconfronteerd wordt in het geval je over een ESX cluster beschikt, is dat virtuele machines die op zo een “intranet” vSwitch geconnecteerd zijn niet met VMotion naar een andere ESX host gemoved kunnen worden.
Op zich niet zo een groot probleem hoor ik je denken: je kan de VM uitschakelen en daarna een “cold migration” doen. Klopt als een bus.
Maar hoe ga je DRS gebruiken op je cluster in bovenstaand geval? DRS maakt eveneens gebruik van VMotion en zal dus onmogelijk die machines kunnen moven tussen je ESX hosts.
Een ander probleem is dat wanneer je je ESX host in “maintenance mode” plaatst, de host zijn VM’s niet gaat kunnen moven naar een andere host, waardoor overgaan tot “maintenance mode” altijd manuele arbeid vereist. Als je tientallen VM’s in een sandbox hebt, ben je dus eventjes bezig om elke machine netjes uit te schakelen…
Gelukkig is er voor (bijna) elk probleem een oplossing! Je kan op je VCenter een wijziging van de configuratie doen zodat VMotion wel gaat lukken op machines die op een “intranet” vSwitch geconnecteerd zijn.
Opgelet: kijk goed na dat de “intranet” vSwitches op elke ESX host in je cluster aanwezig zijn, anders krijg je VM’s met een gedisconnecteerd netwerk.
En dan nu de oplossing: op je VCenter server in de folder “C:\Documents and Settings\All Users\Application Data\VMware\VMware VirtualCenter” pas je het bestand “vpxd.cfg” aan door onderstaande parameters toe te voegen net voor de </config> lijn:
<migrate>
<test>
<CompatibleNetworks>
<VMOnVirtualIntranet>false</VMOnVirtualIntranet>
</CompatibleNetworks>
</test>
</migrate>
Daarna de VCenter Server service herstarten en als alles goed is, zou het nu allemaal netjes moeten werken.
PS: zorg dat je een backup maakt van het “vpxd.cfg” bestand, just to be safe.
De feestdagen zijn weer voorbij, de vakantiedagen ook. 2011 is dus goed en wel van start gegaan en vandaag is mijn eerste werkdag van het nieuwe jaar.
Goede voornemens ga ik hier niet meer neerschrijven, die zijn “sooo 1998” dus we gaan er gewoon een lap op geven en er het beste van maken. Succes!


Recente Comments