Telling stories for a living

Year: 2010 (Page 6 of 14)

In navolging van mijn blogpost over Instapaper wil ik graag de schijnwerpers op Evernote richten, een toepassing die net zoals Instapaper cross-platform werkt, gratis is en eveneens een meerwaarde is voor iedereen die meer dan één “online” toestel gebruikt.

Waar Instapaper een vergaarbak is voor interessante links, artikels die je later wil lezen,… is Evernote eerder een “authoring” tool in plaats van een “consuming” tool. Met andere woorden: Evernote gebruik ik om zelf zaken te creëren terwijl Instapaper gebruikt wordt om te consumeren wat anderen online doen.
Evernote laat je toe om tekstjes te schrijven en die dan online te syncen zodat ze ook beschikbaar zijn op je andere toestellen. Persoonlijk gebruik ik Evernote vooral om blogposts zoals deze in te schrijven, maar je kan het evengoed gebruiken voor kattebelletjes! Op die manier begin ik soms aan een blogpost in bed op de Mac om er daags nadien verder aan te werken op de ThinkPad, tijdens de middagpauze op het werk zeg maar. En zo kan ik nog wel enkele voorbeelden opsommen.
Verder kan je er ook foto’s naartoe sturen om bijvoorbeeld later te integreren in een blogpost. De teksten / foto’s / post-it’s / … die je in Evernote maakt, kunnen tevens worden vergezeld van “tags” zodat je eenmaal je archief begint te groeien, makkelijk dat ene bestand kan terugvinden. Je kan ook binnen Evernote verschillende notebooks aanmaken om het geheel wat overzichtelijker te houden, maar daar doe ik (nog) niet aan mee. Voor mij volstaat een enkele notebook en de nodige tags aan de tekstjes.

httpv://www.youtube.com/watch?v=LNE0R3rEe5Q

In de eerste paragraaf zei ik dat Evernote gratis is, wat niet gelogen is, maar er is een “maar” aan verbonden. In de gratis versie mag je per maand 40MB aan “data” synchronizeren. Aangezien ik de toepassing in 98% van de gevallen gebruik voor tekst, is dat meer dan voldoende. Wanneer je echter veelvuldig gebruik gaat maken van de mogelijkheid om foto’s te uploaden, dan vrees ik dat die 40MB snel opgebruikt zal zijn.
De betalende versie kost $45 per jaar en biedt volgende voordelen ten opzichte van de gratis editie:

  • Monthly upload allowance increased to 500MB
  • Add, synchronize, and access any file across platforms and devices
  • Maximum note size upgraded to 50MB
  • For iPhone and iPod Touch users, access your notebooks offline
  • Search within PDFs
  • Stronger security through SSL encryption at login and note transfer
  • Priority image recognition
  • Premium support
  • No ads

Op zich mooie extra’s, maar die 500MB heb ik niet nodig, en om alle soorten files te sync’en gebruik ik DropBox al. Offline access zou leuk zijn maar ik heb bijna altijd toegang tot internet en die ene keer dat ik echt offline ben, zal dat wel een reden hebben ;-). De “no ads” is niet zo speciaal, want de reclame is beperkt tot een klein rechthoekje linksonderaan (vergelijk het met MSN Messenger, wie ziet die reclame nog na een tijdje?).
Evernote – een interessante tool die ik dagelijks gebruik en iedereen adviseer om te proberen. En het is netjes complementair met Instapaper.

In navolging van mijn blogpost over Instapaper wil ik graag de schijnwerpers op Evernote richten, een toepassing die net zoals Instapaper cross-platform werkt, gratis is en eveneens een meerwaarde is voor iedereen die meer dan één “online” toestel gebruikt.


Waar Instapaper een vergaarbak is voor interessante links, artikels die je later wil lezen,… is Evernote eerder een “authoring” tool in plaats van een “consuming” tool. Met andere woorden: Evernote gebruik ik om zelf zaken te creëren terwijl Instapaper gebruikt wordt om te consumeren wat anderen online doen.

Evernote laat je toe om tekstjes te schrijven en die dan online te syncen zodat ze ook beschikbaar zijn op je andere toestellen. Persoonlijk gebruik ik Evernote vooral om blogposts zoals deze in te schrijven, maar je kan het evengoed gebruiken voor kattebelletjes!

Verder kan je er ook foto’s naartoe sturen om bijvoorbeeld later te integreren in een blogpost. De teksten / foto’s / post-it’s / … die je in Evernote maakt, kunnen tevens worden vergezeld van “tags” zodat je eenmaal je archief begint te groeien, makkelijk dat ene bestand kan terugvinden. Je kan ook binnen Evernote verschillende notebooks aanmaken om het geheel wat overzichtelijker te houden, maar daar doe ik (nog) niet aan mee. Voor mij volstaat een enkele notebook en de nodige tags aan de tekstjes.

In de eerste paragraaf zei ik dat Evernote gratis is, wat niet gelogen is, maar er is een “maar” aan verbonden. In de gratis versie mag je per maand 40MB aan “data” synchronizeren. Aangezien ik de toepassing in 98% van de gevallen gebruik voor tekst, is dat meer dan voldoende. Wanneer je echter veelvuldig gebruik gaat maken van de mogelijkheid om foto’s te uploaden, dan vrees ik dat die 40MB snel opgebruikt zal zijn.

De betalende versie kost $45 per jaar en biedt volgende voordelen ten opzichte van de gratis editie:
  • Monthly upload allowance increased to 500MB*
  • Add, synchronize, and access any file across platforms and devices
  • Maximum note size upgraded to 50MB
  • For iPhone and iPod Touch users, access your notebooks offline
  • Search within PDFs
  • Stronger security through SSL encryption at login and note transfer
  • Priority image recognition
  • Premium support
  • No ads
Op zich mooie extra’s, maar die 500MB heb ik niet nodig, en om alle soorten files te sync’en gebruik ik DropBox al. Offline access zou leuk zijn maar ik heb bijna altijd toegang tot internet en die ene keer dat ik echt offline ben, zal dat wel een reden hebben ;-). De “no ads” is niet zo speciaal, want de reclame is beperkt tot een klein rechthoekje linksonderaan (vergelijk het met MSN Messenger, wie ziet die reclame nog na een tijdje?).

Evernote – een interessante tool die ik dagelijks gebruik en iedereen adviseer om te proberen.

Training en cursussen zijn een goede manier om een nieuwe technologie of een nieuw product onder de knie te krijgen omdat je dan enkele dagen volledig de focus kan leggen op datgene wat je aan het leren bent.
Echter, een goede training wordt volledig bepaald door de “trainer”. Als je geluk hebt, is dit iemand met erg veel ervaring en baseert hij de cursus op die ervaring. Maar als je de keerzijde van de medaille tegenkomt (wat spijtig genoeg al eens durft voorvallen), staat er iemand voor het white board de cursusboek(en) / Powerpoint slides af te lezen zonder enige toegevoegde waarde.
Ik heb al training gehad waar ik het geluk heb een ervaringsdeskundige voor mij te hebben waar je dan een truckload van vragen op kan afvoeren, brain-picking zeg maar. Die mensen delen ook hun “tips & tricks” en “best practices” en net die weetjes zijn voor mij de toegevoegde waarde van een training. In alle andere gevallen kan ik de slides / boeken even goed zelf lezen – dat gaat sneller en kan gebeuren wanneer het mij past.
Tegenwoordig is er een alternatief: online training. Je hebt een “live” variant waar je via audio/video een training volgt, maar ik doel hier op de online training die je kan volgen wanneer het jou uitkomt. ‘s Avonds in de zetel bij het haardvuur, in de wachtzaal bij de dokter, op de trein, in de auto (podcastgewijs),… kortom “à la demande du client”.
Die online trainingen worden ook zeer vaak gegeven door mensen (zo goed als altijd Engelstalig) met jaren ervaring die ondertussen ook al enkele boeken gepubliseerd hebben en seminaries geven over hun expertisegebied.
Een bedrijf dat net dit soort trainingen faciliteert, is TrainSignal. Ze bieden trainingen over alle onderwerpen die je je kan voorstellen, zolang het maar IT-gerelateerd is. Aangezien ik zelf veel tijd investeer in virtualizatie en VMWare in het bijzonder, zijn het net die trainingen die mij aanspreken.

Na wat bidirectioneel mailverkeer, heb ik een login voor hun website verkregen zodat ik hun aanbod (VMWare minded vanzelfsprekend) eens van dichtbij kan bestuderen – de voordelen van een blog dus. De basiscursus voor vSphere heb ik al doorgenomen en zeker voor de beginnende virtualization engineers en mensen die voor hun VCP studeren, is dit een goede training. Alles wordt netjes uitgelegd en via demo’s ook getoond. Dit maakt de training minder saai dan wanneer men gans de tijd tekst zou aflezen en slides zou projecteren!
Ondertussen ben ik de “Pro Series” aan het volgen, waar men zoals de naam al doet vermoeden, dieper in gaat op de advanced features van VMWare vSphere (PowerCLI, Cisco Nexus 1000V, VMWare View,…) maar ook inzoomt op populaire third-party tools zoals VEEAM Backup & Replication (hier komt later ook een review van online) om er een te noemen.
De trainingen zijn niet zo goedkoop, maar in verhouding met “offline” trainingen, helemaal niet duur. De “Pro Series Vol. 2” is momenteel beschikbaar voor net geen $300. Voor dat bedrag krijg je online toegang tot al het cursus materiaal (audio, video, mp3 voor mobiel,…), maar sturen ze ook de DVD-kit op zodat je zelfs zonder internet-toegang kan studeren. Het volledige VMWare vSphere pakket (de basistraining en de twee advanced trainingen) is in een bundel verkrijgbaar voor net geen $800.
Als je weet dat een gemiddelde standaardopleiding al snel 3000€ kost, zijn deze prijzen beschaafd te noemen. Zeker gezien het feit dat de mensen die de uitleg geven, echt wel weten waarover ze het hebben. Voeg daar aan toe dat je training volgt wanneer je wil en dat je alles later nog eens kan volgen om je geheugen op te frissen.
Kortom – serieuze aanrader als je het mij vraagt. PS: voor de niet-VMWare addicts – ze hebben ook trainingen voor Microsoft producten, Cisco, CompTIA,… voor ieder wat wils ;-).

Sinds kort maak ik gebruik van Instapaper. De makers omschrijven hun toepassing als volgt:
“Instapaper facilitates easy reading of long text content. We discover web content throughout the day, and sometimes, we don’t have time to read long articles right when we find them. Instapaper allows you to easily save them for later, when you do have time, so you don’t just forget about them or skim through them.”
Wat het programma doet, is artikels of links naar websites, filmpjes,… die jij interessant vindt, opslaan in een archief om ze later, wanneer je meer tijd hebt, te lezen. En het archief staat online, centraal beheerd dus. Vanop elk toestel heb je dus toegang tot hetzelfde archief.
Persoonlijk vind ik dat dus super interessant, want hoe vaak kom je niet ergens artikels of reviews tegen die je graag wil lezen, maar die te lang zijn om op dat moment door te nemen? Of je ziet in je Twitter-feed links opduiken naar blogposts, YouTube films,… maar je bent met je iPhone op Twitter of je zit in de wachtzaal bij de dokter en het is bijna jouw beurt,… Of je ziet een interessant artikel online tijdens de werkuren, maar je hebt geen tijd om het nu door te nemen of het is niet werkgerelateerd? Kortom, genoeg situaties waar Instapaper een meerwaarde kan bieden denk ik zo.
Vroeger trachtte ik dan te onthouden wat ik moest doen eens ik meer tijd had, maar vaak wist ik het tegen dan niet meer :-s. Instapaper integreert met zo goed als elk OS en elke applicatie waardoor je altijd de knop “Read Later” kan gebruiken. Een klik op die betreffende knop en het artikel zit in je Instapaper archief. Handig!
En het best van al? Instapaper is gratis! Hier heeft het in ieder geval de “must have” status bereikt maakt het de GTD-strategie (GTD staat voor Getting Things Done, kortgezegd technieken om efficiënter te werken en met je beschikbare tijd om te gaan) die ik probeer op te bouwen alvast iets makkelijker.
Instapaper – checken zeg ik u.

Vorige maand was het vijf jaar geleden dat ik Last.FM voor het eerst in gebruik nam en sindsdien staat dat programma op al mijn “supported devices”. Voor wie Last.FM niet kent: het is een muziekportaal dat alle muziek die jij beluistert weergeeft. Hierdoor krijg je leuke statistieken van je muzikale smaak, maar ontdek je naast gelijkgestemden, ook nieuwe muziek. Last.FM stelt namelijk liedjes en artiesten voor die aansluiten bij “jouw smaak” en dat werkt zeer goed want ik heb hierdoor al veel nieuwe muziek ontdekt.
Goed om weten is dat de Last.FM ook je mobiele toestellen in de gaten houdt en deze data aan je statistieken toevoegt. Als je net zoals ik vaak met je iPod onderweg bent, dan zal Last.FM bij de eerstvolgende connectie van je iPod op je Mac / PC checken naar wat je geluisterd hebt en zijn statistieken updaten. Nice!
Daarnaast biedt Last.FM ook de mogelijkheid om “radio” te luisteren. Je kan je eigen library spelen, waardoor je de muziek van thuis op de computer eigenlijk overal met een internetconnectie kan beluisteren. Real-time playlisting dus. Verder het je “recommended radio” en “neighbour radio” waarbij het eerste muziek speelt gebaseerd op jouw smaak en het tweede muziek laat horen die je “friends / neighbours” beluisteren.
Dat radio luisteren is spijtig genoeg enkel gratis in US, UK en Duitsland. Al de andere landen moeten een subscriptie nemen om die feature te activeren (kost je 3€ per maand). In de gratis landen kan je trouwens niet naar je “loved tracks” luisteren, daarvoor moet je eveneens subscriber worden.
Naast het radio gebeuren, krijg je ook enkele andere zaken zoals volledig zonder reclame luisteren en browsen, gedetaileerde stats van wie je profiel bezocht,… en de Last.FM playground, wat je kan vergelijken met Google Béta – nieuwigheden die nog niet publiek beschikbaar zijn, maar die je zelf wel kan testen.
Wat ik persoonlijk ook een leuke feature vind, is dat Last.FM op basis van je muziek op zoek gaat naar concerten en andere muzikale events die mogelijk interessant zijn.

Op regelmatige basis werk ik van thuis uit. Gemiddeld werk ik één dag per twee weken van thuis, maar er zijn periodes dat dit meer is, maar vanzelfsprekend ook minder.
Meetings, support calls, presentaties geven,… kan je natuurlijk moeilijk van thuis uit doen, maar studeren voor een opkomend examen, documentatie schrijven voor dat ene project, een lastenboek doornemen, whitepapers lezen, een presentatie maken en ga zo maar door, zijn zaken die erg goed van thuis te doen zijn. Wat zeg ik? Beter van thuis te doen zijn!
Minder vooruitstrevende mensen (lees: old-school management) zouden geneigd zijn te denken dat mensen die van thuis uit werken, eigenlijk gewoon extra vakantiedagen naar zich toe trekken. Deze mensen vinden dat een goede werknemer op kantoor aanwezig is en werknemers die veel visibiliteit scheppen (lees: veel uren op kantoor aanwezig zijn), zijn in hun ogen goede werknemers. Ik spreek met opzet over “aanwezig zijn”, want op kantoor zijn en werken zijn twee verschillende zaken die mensen spijtig genoeg meestal automatisch samen plaatsen.
Mijn ondervindingen zijn net het omgekeerde. Op kantoor word ik veel vaker afgeleid of gestoord door telefoontjes, collega’s,… terwijl ik me thuis kan terugtrekken in mijn “cocon” van rust – mijn bureau, mijn afgebakend territorium. In mijn geval betekent dat een muziekje op de achtergrond, comfortabele kledij (lees: korte broek in de zomer, trainingsbroek in de winter), mijn eigen bureau en alles wat daarbij hoort.
Proefondervindelijk is ondertussen al meermaals gebleken dat ik in “home office” mode veel meer werk verzet over een zelfde periode van tijd in vergelijking met “kantoor mode”. En ik ben zeker en vast niet de enige die dat vastgesteld heeft, ik hoor hetzelfde verhaal van vrienden en collega’s.
Er komt natuurlijk wel een dosis karakter bij kijken, want als je van thuis uit werkt, is de verleiding groot om helemaal niet te werken. Een beetje TV kijken, de XBOX 360 eens aanzetten,… you name it. Hier komt het puur aan op jezelf om de klik te maken en niet toe te geven aan die verleiding. Persoonlijk heb ik daar tot op vandaag geen moeite mee, ik kan blijkbaar erg goed “klikken” en mezelf in “work @ home modus” gooien. Mensen die dat niet kunnen, zijn misschien toch beter af om naar kantoor te gaan omdat daar een sociale controle heerst.
Moest het van mij afhangen, ik zou drie dagen per week van “home office” doen en twee dagen per week op kantoor zijn voor de noodzakelijke meetings, de klantenbezoeken en al die andere zaken die je niet van thuis kan verwezenlijken.
Vroeg of laat gaan de werkgevers dit allemaal inzien, ook de vastgeroeste exemplaren. “Time” is meer dan ooit “money” en hoe efficienter die tijd gebruikt wordt, hoe meer geld de werkgever zal overhouden.
Of zie ik het helemaal verkeerd?

Vandaag kwam UPS langs met een pakketje. Wat er in zat vertel ik nog niet, ik ga het eerst allemaal een beetje ondergaan.

Google Wave stopt ermee na precies een jaar online te zijn. De reden achter het einde zijn simpel: er was geen publiek voor Wave. Ik had mijn Wave invite van “in den beginne” en eens de hype voorbij was, zat je vaak alleen “online” op de Wave.

Het concept was top. De technologie nog veel meer en gelukkig wordt die behouden om door te kunnen sijpelen naar andere Google producten (en daarbuiten, want ze maken het via open source beschikbaar). Een voorbeeld hiervan is de laatste toevoeging aan GMail om attachements vanuit de online mailapplicatie rechtstreeks naar de desktop van je machine te slepen.
Farewell Google Wave. It was fun while it lastest. Tot eind dit jaar zal je op Wave kunnen inloggen, daarna gaat het onheroepelijk offline. Google zal wel nog tools ter beschikking stellen om data uit Wave te halen, voor die enkelingen die er effectief iets nuttig mee gedaan hebben ;-).

Ik heb goesting om digitaal te kunnen lezen. En niet alleen om online boeken te kopen (die bij Amazon trouwens duurder zijn dan de papieren exemplaren, kan iemand mij dat eens uitleggen?). Vanzelfsprekend zou me dat wel interesseren, maar ik ben beroepshalve ook dikwijls PDF bestand aan het lezen (admin guides, install guides, best practise guides, implementation guides, whitepapers,…) en op de laptop zit je toch altijd “oncomfortabel”, dat merk ik aan mijn rug na een tijdje lezen.
De Kindle 3 van Amazon ziet er serieus goed uit, ik geef het graag toe, en heeft daarnaast ook de beste technologie wanneer je enkel een toestel zoekt om veel op te lezen. Geen enkel argument zal mij van het tegendeel overtuigen – it’s all in the e-ink technology. Maar met lezen zit je dan ook direct aan het einde van de mogelijkheden. Ja, je kan er mee surfen (zwart-wit en beperkt in features), het speelt ook muziek maar veel meer dan dat zit er niet in.
De iPad van Apple, die ook een serieuze waslijst aan tekortkomingen heeft, is ook leuk om op te lezen, maar het blijft natuurlijk een “computerscherm” dat vermoeiender is voor de ogen dan de Kindle 3. Maar de iPad kan natuurlijk meer dan dat en is eigenlijk niet ontworpen als pure e-book lezer. Surfen op de iPad is ook aangenaam (behalve Flash based sites natuurlijk ;-)), de games zijn leuk (ah ja, ze komen van de iPhone en soortgenoten) en het geheel integreert zo netjes met al de rest van mijn Apple omgeving. Maar de nadelen bestaan nog steeds, waarvan de prijs de voornaamste factor is om niet tot aankoop over te gaan.
PDF’s op de computer lezen ga ik niet blijven doen – vermoeiend, afzien en niet zo efficiënt. PDF’s afdrukken ga ik zeker niet doen! Ik werk niet zo graag met papier, ik doe me er pijn aan (papercut anyone?), het is niet zo lief voor het milieu en ofwel verlies ik mijn papieren, ofwel heb ik een kromme rug van ze altijd overal mee naartoe te sleuren.
Digitaal lezen. Ik ben er nog niet helemaal uit, maar het is een kwestie van tijd. Nu ja, de Kindle 3 is uitverkocht en pas vanaf september (half september eigenlijk) leverbaar en de iPad van Apple is overal uitverkocht. Tijd genoeg voor mij om een “oplossing” trachten te achterhalen.
Wordt zonder twijfel vervolgd…

Ik heb weer een paar nieuwe CD’s (of beter gezegd, digitale albums, want ik koop zo goed als alle muziek via iTunes tegenwoordig) aan mijn verzameling toegevoegd:

  • Life Is Music 2010 Volume 1
  • Maxx Long Player 18
  • De Afrekening 48
  • A Curious Thing (Deluxe Edition) – Amy Macdonald
  • …

Die “…” staan voor een hoop singles waarvan “Airplanes – B.O.B feat. Hayley Williams”, “Bubble Bath – The Swiss”, “Mad World (acoustic) – Don E Darko” en “Ain’t No Sunshine (live) – Tyrone Wells” er een paar zijn die ik zeker kan aanraden. De Studio Brussel CD’s koop ik eigenlijk traditiegetrouw (behalve Life Is Music, maar deze keer vond ik hem echt goed) en daar valt niet veel over te zeggen behalve dat er telkens opnieuw stevige platen op terug te vinden zijn.
Verder blader ik af en toe nog eens door Spotify en Last.FM om nieuwe muziek te ontdekken, maar ook Twitter doet me de laatste tijd steeds meer nieuwe muziek (her)ontdekken. Waarvoor die tweets al niet goed zijn!

Neen, ik heb er nog geen. Mijn iPhone 3G doet het nog altijd perfect, al moet ik eerlijk toegeven dat iOS4 het geheel veel trager gemaakt heeft. Ik heb al alle tips & tricks geprobeerd, behalve een restore als “new phone” doen omdat ik dan alle data kwijt ben en daar heb ik nu eens geen zin in. Apple is naar het schijnt bezig om die traagheid aan te pakken in iOS 4.1 dat er zeer binnenkort aankomt, dus we zullen nog wat geduld uitoefenen.
De iPhone 4 dus. Ik heb er nog geen gekocht omdat ik hem ten eerste zeer duur vind, maar ook omdat de nieuwe features mij niet echt overtuigen. Ja het design is veel hipper, ja de front-facing camera is leuk in combinatie met FaceTime (waar ik volgens mij twee keer gebruik van zou maken), maar eigenlijk is er niets aan het toestel waardoor ik denk “must have”.
Of toch: de snelheid waarmee alles werkt. En dat is te danken aan de nieuwe CPU die we al kennen van de iPad en de extra truckload aan geheugen die het toestel meegekregen heeft. Oh ja, en dat “Retina Display” lijkt me ook wel de moeite. Moest mijn 3G het vandaag begeven, dan kocht ik me zeker en vast een iPhone 4, maar zolang die het blijft doen, ga ik niet zomaar upgraden. Er zijn er toch nergens verkrijgbaar ;-).
En u, hebt u al een iPhone 4 gekocht? Content van?

« Older posts Newer posts »

© 2026 Unexpected.be

Theme by Anders Noren — Up ↑