Unexpected.be

Telling stories for a living

Search results: "nikon" (page 2 of 3)

Ik heb een nieuwe camera gekocht. Neen, geen Nikon. Ook geen DSLR. Neen. Ik heb een systeemcamera gekocht – micro four-thirds zoals ze zeggen. Meer bepaald een Panasonic Lumix GF-1.


Waarom? Ik ben heel erg tevreden van mijn Nikon DSLR’s, maar zoals zo velen vind ik dat ze soms iets te “bulky” zijn. Lomp. Te groot. Te zwaar. Je kent het wel. Perfecte beeldkwaliteit heeft zijn prijs denk ik dan.
Ik was op zoek naar een mobiele fotocamera die ik eigenlijk altijd in mijn jaszak kan steken. Geen gesleur met een fototas “just in case” dus. Enkel nog de DSLR + toebehoren meepakken als je op voorhand weet dat je foto’s gaat maken.
Compact camera’s interesseren me niet echt (ik heb er wel eentje, maar die ligt al enkele jaren onaangeroerd in de schuif) omdat je daar geen enkele vorm van controle hebt over de foto die je maakt (zoomen en de flash aan of uit zetten) en DOF (depth of field) praktisch onbestaand is.
No more. Eigenlijk al een tijdje niet meer, maar ik ben pas zeer recent tot die constatatie gekomen. Die statement is uiteraard niet helemaal waar. Een DSLR zal altijd betere foto’s produceren dan een systeemcamera (tenminste, puur op technisch gebied, de fotograaf heeft er eigenlijk meer mee te maken maar dat is een andere discussie), zeker wanneer de omstandigheden niet optimaal zijn (donkere omgevingen bijvoorbeeld).
Systeemcamera’s zijn (kort door de bocht) eigenlijk DSLR’s maar zonder spiegels. De lenzen zijn verwisselbaar, maar in plaats van via een ingenieus systeem met spiegels het beeld te projecteren in de viewfinder en door een beweging van diezelfde spiegels op de beeldsensor (wanneer je de ontspanner indrukt), projecteren lenzen bij systeemcamera’s het beeld rechtstreeks op de beeldsensor.
Gevolg: je kan gebruik maken van erg goede lenzen (lichtsterk, primes, zooms,…), maar je hebt geen optische viewfinder. Bij de meeste modellen kijk je op een LCD scherm zoals je dat ongetwijfeld kent van een compact camera, maar voor sommigen kan je een EVF bijkopen (Electronic View Finder) die dan de optische viewfinder van een DSLR simuleert.
Zo een EVF is redelijk prijzig, het blijft electronisch en als je al die zaken op je systeemcamera schroeft, maak je er eigenlijk een wannabe-DSLR van – inclusief het bulky gedoe. Not what I wanted en dus gebruik ik het LCD scherm.
Olympus was de eerste fabrikant die een knappe systeemcamera op de markt bracht: de E-PL1. Reviews waren goed, maar tegelijkertijd kwam er de aankondiging van de Panasonic GF-1.
Alle “tekortkomingen” van de E-PL1 zou Panasonic wegwerken in hun visie van de systeemcamera. We spreken nu 2009. En als je op de reviews mag afgaan, hadden ze gelijk. De verschillen zijn minimaal (snellere AF bijvoorbeeld), maar als je dan toch geld gaat uitgeven, kan je maar beter voor het beste kiezen ;-).
Vandaag zijn we echter 2011 en de GF-1 is niet meer verkrijgbaar. Panasonic heeft de GF-2 en de GF-3 al op ons losgelaten, maar die kan je eigenlijk geen waardige opvolgers noemen van de GF-1.
Alle toeters en bellen die de GF-1 zo interessant maken voor DSLR eigenaars die een mobiel alternatief zoeken, zijn verdwenen. Geen wieltje meer om je shutter / aperture aan te passen, geen hot-shoe voor flitser, bijna geen “echte” knopjes meer maar alles via een touch-screen LCD scherm,… Kortom, eigenlijk maken ze van de GF-1 opvolgers eerder consumer-modellen met DSLR kwaliteit terwijl de GF-1 eerder een DSLR was in een compacte body.
Ik wou dus een GF-1 en geen GF-2 of GF-3. Winkels hebben ze al lang niet meer in voorraad dus was tweedehands het enige alternatief. eBay to the rescue en na een weekje snuffelen en snuisteren heb ik mijn toestel in het Verenigd Koninkrijk gevonden. De eerste eigenaar wou een DSLR en deed dus zijn systeemcamera weg. Body only.
180€ + verzekerde verzending later (ongeveer 25€) was de koop rond en een paar dagen later kwam er een postpakket toe. Mijn GF-1 was toegekomen!
Een lens koop ik liever nieuw (tenzij ik ze kan testen, maar aangezien de verkoper in de UK zat was dit niet echt interessant) en dus heb ik bij Digicamshop een Panasonic Lumix G “Pancake” 20mm F/1.7 besteld. Geen zoom. Niet groot, extreem lichtsterk en veel goeds over te lezen online.

Sinds vorige dinsdag heb ik de complete set in mijn bezit en alles wat je leest over de GF-1 en de 20mm F/1.7 is meer dan waar. Erg leuk toestel en knap objectief. Ik ben nog volop aan het leren en experimenteren, maar de eerste indruk is positief en beloftevol.
Ik heb een 500px account aangemaakt (een hip Flickr alternatief) waar ik louter foto’s ga uploaden die met de GF-1 gemaakt zijn. Mijn account bij Flickr blijft gewoon bestaan hoor, maar ik had zin om 500px eens te testen en met de GF-1 heb ik daar nu een goed excuus voor.

Enkele recent gemaakte foto’s, geschoten met een Nikkor 50mm F1/8 in combinatie met de Nikon D90. Meer op mijn Flickr pagina.

DSC_2734

DSC_2707

DSC_2709

Zoals gewoonlijk is feedback welgekomen!

Ik heb de Nikkor 50mm F/1.8 ondertussen een week in mijn bezit en ondanks dat het tot nu toe een erg drukke week is geweest, heb ik toch al tijd gevonden gemaakt om mijn nieuwe aanwinst aan de eerste testen te onderwerpen. De resultaten kan je in deze Flickr set bekijken trouwens.

Wat me opvalt aan dit objectief, is hoe kort het eigenlijk is, vooral ten opzichte van mijn 35mm F/1.8 exemplaar. Desalnietemin heb ik vorige zaterdag een Nikon HR-2 rubberen zonnekap gekocht, niet zo zeer voor het zonlicht buiten te houden (de 50mm steekt redelijk “diep”), maar eerder als extra beschermlaag, een gewoonte die ik met al mijn objectieven toepas.

Na lang wikken en wegen heb ik gisteren de virtuele knoop doorgehakt en de Nikkor 50mm F/1.8 besteld. Ik twijfelde namelijk tussen de 50mm F/1.4 en de 50mm F/1.8. Besprekingen op het internet zijn over beide lenzen uitmuntend, al zeggen ze van de F/1.8 dat de bokeh iets beter is, maar daar tegenover staat dan weer de extra twee 2/3de stop van de F/1.4 wanneer je veel in “low light” fotografeert.
De uiteindelijke doorslag was de prijs: de F/1.4 kost ongeveer het dubbele van de F/1.8 en dat vond ik al bij al een beetje teveel van het goede. Twitterati waren het trouwens unaniem eens over het feit dat de F/1.8 een erg goede lens is.

Vandaag vindt de levering normaliter plaats (dankzij de snelle service van Digicamshop) en de komende dagen mag je je dus aan een eerste ervaring verwachten. Ik ben vooral benieuwd hoe de 50mm F/1.8 zich tegenover mijn 35mm F/1.8 gaat positioneren. Mijn 35mm blijft trouwens mijn trouwe “rond-wandel-lens” terwijl ik de nieuwe aanwinst eerder wil gebruiken voor portretten.

Ondertussen heb ik mijn Nikon D60 al een tijdje en zijn er al enkele duizenden foto’s mee gemaakt. Je zou dus kunnen stellen dat ik mijn DSLR ondertussen wel begin te kennen. Wanneer je je fototoestel “kent” en dus beheerst, dan kan je er leuke foto’s mee schieten omdat je alle knopjes weet staan, omdat je weet wat je hoe moet instellen om het gewenste resultaat te krijgen, maar vooral omdat je weet waar je toestel niet goed in is.
Mijn D60 is een prachttoestel en tot op vandaag ben ik nog er nog altijd erg tevreden mee. Vanzelfsprekend is het een instapmodel, maar aangezien ik toen (en nu nog) een beginnende fotograaf ben – een rookie zeg maar – is dat ook geen enkel probleem, integendeel. Meer features, knopjes en andere zaken zouden het alleen maar moeilijker maken en de leercurve omhoogtrekken.
Er zijn echter enkele zaken die ik toch graag anders zou zien en waar ik op zou letten bij de aankoop van een nieuw toestel. Zo vind ik drie autofocus punten toch wel een beetje te weinig en zou ik graag een selectiewieltje vooraan het toestel hebben voor de diafragma instellingen aan te passen (nu moet ik een functietoets indrukken terwijl ik aan het wieltje draai dat zonder die functietoets instaat voor de sluitertijd).
Een iets grotere display zou ook handig zijn en zo een LCD schermpje bovenaan waarop je in een oogopslag alle informatie kan raadplegen zonder de primaire display in te schakelen zou ik met open armen verwelkomen. Technisch zal dat allemaal wel mogelijk zijn en de prijs zou er ook niet zoveel door stijgen, maar ik vermoed dat de mensen bij Nikon deze “verminkingen” met opzet toebrengen om je aan te sporen om een duurder model aan te kopen dat wel over die eigenschappen beschikt.
Met al die “minpunten” (opgelet, dit zijn eigenlijk wel een beetje luxeproblemen hoor, want zoals ik al zei, ik ben echt serieus content van mijn D60) heb ik hetgene dat mij het meeste opvalt nog niet genoemd: de grootte van de body zelf. De D60 is niet van de grootste / zwaarste modellen, waardoor mensen met grote handen (niet dat ik speciaal grote handen heb of zo) eigenlijk niet genoeg “bodyruimte” hebben om hun vingers kwijt te raken. De D60 in combinatie met mijn handen zorgt ervoor dat mijn pink onder de body zit en dus geen houvast heeft. Hoe meer houvast, hoe stabieler de camera is (zeker met een leuke lens!) en dus ook hoe beter de foto zal zijn (en hoe lager je je sluitertijd kan instellen in donkere omgevingen).
Duurdere camera’s hebben ook grotere bodies en wegen iets meer, waardoor het probleem zichzelf verhelpt. Toch zie je veel gebruikers nog een extra battery grip op hun toestel monteren, om dus nog meer “grip” te bekomen. Zoals de naam al doet vermoeden, huisvest zo een grip ook ruimte voor een 2de batterij en vaak zit er een verticale shutter op zodat je voor de verticale foto’s minder gewrongen zit.
Nikon bouwt zulke battery grips wel, maar niet voor de instapmodellen, waar ook mijn D60 deel van uitmaakt. Eigenaars van zo een DSLR’s zijn dus aangewezen op de aftermarket grips en daarom heb ik het internet afgeschuimd en gezocht tot ik gevonden had wat ik zocht: een kwalitatieve grip die me meer houvast zou geven en er toch uitziet alsof hij met de camera geleverd werd. Met andere woorden, geen lelijke, goedkope plastic add-on dus.

Hahnel HN-D60

Na een beetje zoekwerk, kwam ik uit bij de battery grip van Hähnel, een fabrikant die gespecialiseerd is in extra’s voor fototoestellen zoals batterijen, grips,… en hun HN-D60. De afwerking is perfect en de grip ziet eruit alsof hij door Nikon gefabriceerd is: dezelfde structuur, dezelfde “feel & touch” en een vormgeving die perfect naadloos aansluit bij de D60. De installatie is supersimpel: je verwijdert het klepje van het batterijcompartiment van je Nikon (zeer simpel en ongevaarlijk) dat je veilig kan opbergen in de grip zelf (kwestie dat je het niet verliest), daarna schuift de grip in het batterijcompartiment en komt de overzijde van de camera in contact met de bovenzijde van de grip. Het enige dat je nu nog te doen hebt, is het vergrendelen van de grip op de D60. Hiervoor gebruik je een wieltje waarmee je een vijs kan aandraaien die in het mountpoint voor het statief schroeft. Supertight en gegarandeerd goed beveiligd.
De grip zelf beschikt over een nieuw mountpoint, zodat een statief gebruiken of een Blackrapid RS5 (of gelijkaardige riemen) perfect bevestigd kunnen worden.
Op gebied van stroomvoorziening wordt de Hähnel geleverd met twee batterijhouders: eentje kan tot twee camera batterijen huisvesten (eentje is voldoende, twee geeft twee keer meer uithouding en voegt ook extra gewicht toe – de laatste is de configuratie die ik gebruik) en de andere voorziet in het gebruik van AA-batterijen. Dat laatste is altijd handig als je een shoot moet doen en je zonder stroom valt: een setje reserve AA-batterijen in de fototas steken kan in dat geval soelaas brengen.
Last but not least, krijg je er nog een remote bij waarmee je de camera kan triggeren vanop afstand. Handig voor zelfportretten of andere situaties waar je geen timer wil / kan gebruiken.
Het enige dat deze grip niet biedt, is een verticale shutter. Normaal gezien stuurt zo een schutterknop het interne loopwerk aan via een connector waar de grip inklikt bij de installatie, maar aangezien Nikon voor de D60 geen grips voorziet, is zo een connector afwezig en is de traditionele verticale shutter niet mogelijk. Sommige fabrikanten van third-party grips voorzien deze mogelijkheid toch door een verticale shutter te installeren die via een IR-led de remote trigger aanstuurt van je camera. Echter in dat laatste geval kan je niet half drukken om te focussen én moet je camera op “remote” ingesteld staan. Een halve oplossing die ik toch nooit zou gebruiken, en van had ik het liever niet op de grip: het maakt het geheel minder strak en het zou de prijs opdrijven.
Als conclusie kan ik zonder twijfel de Hähnel HN-D60 aanraden voor elke gelukkige eigenaar van een Nikon D60 (hij past ook op de D40 en voor de D50 en zo goed als alle andere modellen, bestaan er ook varianten). De camera ligt veel beter in de hand, voelt robuuster aan en weegt meer, wat het gebruiksgemak serieus ten goede komt. En dit alles voor net geen 90€, inclusief twee batterijhouders en een remote trigger. Een no-brainer lijkt mij…

Vorige zondag was het zo ver: met een tiental mensen bevonden we ons in een gerenoveerde schuur in Vlaams-Brabant, meer specifiek “The Barn” in Steenokkerzeel, de uitvalsbasis van Bert Stephani, één van de twee fotografen achter het Squeeze The Lime concept.
Het was de eerste “Become friends with your DSLR” die door Bert en Pieter gegeven werd, maar dat was er eigenlijk niet aan te merken. Pieter was misschien iets stiller dan wat we gewoon zijn van hem, maar daar zat zijn griepaanval van de week voordien zeer waarschijnlijk voor iets tussen ;-).
Anyway, na de nodige tassen koffie (al een geluk dat het winteruur diezelfde nacht ingevoerd werd, waardoor er nog een extra uurtje slaap in zat) en een stukje fruit als ontbijt, waren we klaar om aan de dag te beginnen. Op de bovenverdieping van de schuur stond een Macbook Pro met projector en projectiescherm klaar, waarmee Bert het concept van LIME – Learn Inspire Motivate Experience – uitlegde. Heel erg kort gezegd: share the knowledge. Twee mensen weten meer dan één mens, drie mensen weten meer dan twee mensen en zo verder. Deze filosofie is in mijn ogen de enige juiste, want waar Bert en Pieter ze toepassen in hun expertisegebied – fotografie, zie ik diezelfde filosofie meer en meer opduiken in mijn vertrouwde wereld – ICT. Persoonlijk vind ik deze manier van redeneren de enige juiste, want no way in hell is het mogelijk om als “single entity” alles te beheersen. Tips & tricks van anderen brengen je altijd vooruit en mensen die nog steeds vasthouden aan hun “eiland-denken” zitten mijn inziens in een neerwaartse spiraal die vroeg of laat in hun gezicht ontploft.
Na de introductie van wie ze zijn, waar voor ze staan en wat ze willen bereiken, konden we starten met de workshop zelf. De manier waarop Bert en Pieter te werk gaan is met behulp van slides (die erg veel Steve Jobs gehalte hebben – which is a good thing!) enkele basisprincipes uit te leggen zoals waarvoor een diagrafma dient en sluitertijden en andere basisbegrippen die je echt moet kennen. Daarna komt er steevast een “experiment” wat in feite een opdracht is waarin je de net opgedane theoretische kennis in de praktijk tracht te brengen. Tijdens deze experimenten cirkelen zowel Bert als Pieter rond tussen de studenten zodat je heel snel hulp kan inroepen indien nodig. In totaal waren er vijf experimenten (de M-stand, belichting, regel der derden, concept / verhaal,…) waarna je eigenlijk de basis van fotografie in je persoonlijke “knowledge base” hebt zitten. Het enige dat je hierna nog kan helpen om beter te worden is oefening, oefening en nog eens oefening.
Heb ik nu iets geleerd gedurende deze workshop? Zeker en vast! Om te beginnen werk ik nu met mijn DSLR in de “M” stand, terwijl ik voordien zo goed als altijd in de “A” stand (Aperture oftewel diafragma) werkte. Af en toe switchte ik eens naar de “S” stand (Shutter oftewel sluitertijd) en dan vooral als ik snelbewegende voorwerpen (lees: airshow, GT2) wou fotograferen. Door een simpele, verstaanbare uitleg gecombineerd te zien met hands-on experience en assistentie waar nodig, lukt het mij nu om resultanten te verkrijgen op de “M” stand die gelijkwaardig zijn aan mijn vorige foto’s op de minder manuele standen. Sweet!
Naast het manueel instellen van diafragma en sluitertijd, stel ik de ISO waarden ook manueel in (dit deed ik al voordien) en staan alle extra features van mijn D60 op “disabled”. Sommige van die features hebben wel een meerwaarde, maar doordat ze in mijn plaats denken, zorgen ze ervoor dat ik niet altijd de foto’s krijg die ik dacht te krijgen omdat de camera mijn idee soms verkeerd interpreteert. En wanneer ze mijn doel wel juist interpreteren, zorgen ze er  voor dat ik minder snel bijleer omdat de camera mijn fouten soms wegtovert.
Naast het technische aspect was de workshop ook gewoon erg leuk. De aanwezigen waren allemaal met een serieus positieve mindset naar de schuur gekomen waardoor er vlug een “samen leren, samen sterk” mentaliteit in de groep zat. En aangezien zo goed als alle experimenten in groepjes van drie gedaan werden, kwam dat nogal goed uit ;-). Ik heb zelfs mensen leren kennen die ik zelf volg op Twitter (en omgekeerd) maar waarbij we niet van elkaar wisten wie ons virtueel alterego was…
Deze Squeeze The Lime workshop was voor mij een echte meevaller waar ik op een dag echt wel veel vooruitgang heb geboekt. Zoals Bert en Pieter al zeiden: het is belangrijk dat je de opgedane kennis zoveel mogelijk toepast, want als je na zo een workshop je DSLR aan de kant legt voor een paar weken, dan ga je er minder uithalen dan verwacht. De dag van de workshop heb ik net geen 400 plaatjes geschoten – de in mijn ogen goede resultaten komen asap op mijn Flickr pagina – en heb ik mijn Nikon D60 echt wel op een andere manier leren gebruiken.
Mission accomplished voor de mannen van LIME en een aanrader voor iedereen die meer met zijn DSLR wil doen dan op “Auto” modus werken.

Om 6u50 liep de wekker af en dat is (althans voor mij) heel erg vroeg op een zondagmorgend. Natuurlijk was onverantwoord vroeg opstaan in het weekend een bewuste keuze: het was gisteren namelijk de tienjarige verjaardag van Belgium Digital en dat werd gevierd met een heuse ledendag in de San Marco Village te Schelle.
Een kwartier later dan gepland, omstreeks 8u15, stond ik in Leuven voor het appartement van @jannemans. Carpoolen richting Schelle was het plan.
Omstreeks kwart voor negen stonden we dan geparkeerd in de ondergrondse parking van de eventhal (die al heel snel vol bleek te staan) en was het wachten tot de crew van BDLive klaar was voor mensen te ontvangen.
Niet veel later waren we “binnen”, een gratis Standaard krant en een Shoot magazine rijker en was er mogelijkheid om de paar commerciële standjes te checken. Boeken heb ik echter al genoeg en aangezien er alleen een stand van Canon was, kon ik daar met mijn Nikon niet veel gaan zoeken (idem voor @jannemans). Dan maar op zoek naar een drankje in de centrale hall, waar we andere twitteraars zoals @bunker, @bramzo, @stefanvds en nog enkele anderen wiens naam ik eventjes vergeet, tegen het lijf liepen.
Doorheen de dag werden er verschillende workshops georganiseerd en dit waren degenen waarvoor ik ingeschreven was:
– Concertfotografie
– Strobist
– Lightroom voor gevorderden
– Squeeze The Lime
Concertfotografie was maar flauw vond ik persoonlijk. Weinig nieuwe dingen gezien om eerlijk te zijn. Ik had er meer van verwacht dus. En de praktijkshoot was veel te kort en de belichting was verre van realistisch in vergelijking met een echt concert, waardoor ik zelfs vroegtijdig gestopt ben met foto’s te shooten… en ik was niet de enige.
Strobist vond ik al beter, maar de eerste spreker vond ik minder boeiend. Naar het einde toe werd Tom aan het woord gelaten (@fotofolio) en daarmee kwam er ook direct energie in de workshop. Na een korte uiteenzetting van bouncing en Sunbounce producten, gingen we allemaal op het terras om met praktijkvoorbeelden de effecten te zien van een zilveren bouncescherm, een “zebra”, grote scherm, kleine schermen, sun blocks,… kortom heel erg interessant omdat ik al wel over die zaken gelezen had, maar het nog nooit “IRL” had kunnen aanschouwen.
Spijtig dat de tijd er daarna op zat, want Tom had gerust nog een uurtje verder kunnen (en mogen) vertellen!
De derde workshop was Lightroom voor gevorderden, gegeven door Ton van Adobe zelf. Eerlijk gezegd vraag ik mij af wat er gezegd is geweest in de workshop Lightroom voor beginners, want ik vond deze workshop alles behalve gevorderd. Interessant, dat wel, maar niets gezien dat ik nog niet wist of niet zelf zou vinden na vijf minuten zoekwerk. Van een workshop voor gevorderen verwacht ik meer tips & tricks waarvan je zegt “damn, waarom heb ik daar nooit aan gedacht?”. Aangezien er erg veel getwitterd werd en zelfs naar de wielerkoers werd gekeken in deze workshop, denk ik dat velen mijn mening deelden. Next!
Squeeze The Lime met Bert Stephani en Pieter Van Impe. Deze workshop heeft het voor mij de moeite waard gemaakt – de redder van de dag zeg maar! Zowel Bert als Pieter hebben een erg vlotte manier van praten (ik had het gevoel dat ik beide gasten al tien jaar ken, terwijl het de eerste keer was dat ik hen in levende lijve mocht aanhoren) en vertellen ook iets zinnigs. Simpele trukjes (de workshop heette dan ook “Truuken van de foor”) op een verstaanbare manier uitgelegd (met praktijkvoorbeelden “live on stage”) waarmee iedereen direct kan experimenteren. Ik kan nog een paragraaf schrijven over hun grollen en grappen (en over hoe Pieter zijn intro niet gemist heeft door met tafel en al de grond op te gaan) en hoe ze het publiek betrekken in de workshop, maar de beste manier om het te ervaren is door zelf eens een workshop van die gasten bij te wonen. Het feit dat er opgelet werd en vooral, zo goed als niet getwitterd, zegt genoeg denk ik.
Belgium Digital Live recapituleren vanuit mijn standpunt: goed, maar net niet goed genoeg. Ik heb mij geamuseerd en vond het leuk om weer een paar nieuwe twitterati te ontmoeten daar niet van, maar daar moet je in principe niet voor naar zo een event, dat kan je op eigen houtje met een twinner, twunch, BGGD,… ook bereiken.
Op vlak van fotografie heeft de Squeeze The Lime workshop mijn dag de moeite waard gemaakt, de rest was nice maar zeker niet te moeite om ervoor naar Schelle te cruisen.

DSLR’s zijn erom gekend veel sneller foto’s te maken dan een gewone point & shoot camera (naast het feit dat ze natuurlijk ook betere kwaliteit opleveren, meer uitbereidingsopties hebben,…) wat het fotograferen veel aangenamer maakt. Tot op heden gebruik ik geheugenkaartjes van Sandisk type II – oftewel 15MB/s lees- & schrijfsnelheid, welke ruimschoots volstaan wanneer er “gewone” foto’s gemaakt worden.
Vorig weekend kon je mij echter op een militaire luchtmachtbasis terugvinden en dan was het soms van vitaal belang om meerdere foto’s snel achter elkaar te kunnen schieten om het gewenste maneuver van zo een supersonische jet op de digitale plaat vast te leggen. Nu besef ik maar al te goed dat mijn D60 een instapmodel is en dat zijn burst-snelheid dus beperkt is ten opzichte van zijn grotere broertjes, maar als ik mijn buffer vol gekregen heb, dan moet ik 3-4 seconden wachten alvorens ik terug een foto kan maken. Hoe komt dat? Omdat de camera de foto’s in zijn buffer aan het wegschrijven is naar het geheugenkaartje en aangezien één foto ongeveer 9-10MB groot is, kom je aan ruw geschat 40MB. Als mijn kaartje 15MB/s aankan (theoretisch) dan zou het dus ongeveer 2.7 seconden duren alvorens de buffer leeg is en de foto’s overgezet zijn. Maar bij snelle actie kan het op enkele seconden aankomen of het “moment suprème” is gepasseerd…

Sandisk 16GB Extreme III

Oplossing? Snellere geheugenkaartjes! Sandisk heeft exemplaren die dubbel zo snel zijn als mijn huidige kaartjes, namelijk een lees- en schrijfsnelheid van 30MB/s. Deze kaartjes zijn trouwens speciaal gemaakt voor de D90 (Google daar maar is op) en ik ga er niet van uit dat mijn D60 even snel kan schrijven als een D90, maar ik hoop toch op een verbetering en dus een kortere wachttijd. En zo niet, dan ben ik al voorzien tegen dat ik mijn D60 vervang door een beter toestel (maar daar moet ik eerst nog wat voor bijleren, want ik ben mijn D60 bijlange nog niet ontgroeid!). Ik heb een kaartje van 4GB en eentje van 16GB besteld zodat ik afhankelijk van de plannen, niet zonder opslag val. Mijn 2GB en 8GB Ultra II exemplaren gaan gewoon mee als extra reserve.

Sandisk Card Reader

Ik heb trouwens ook een deftige kaartlezer besteld: de Sandisk Image Mate All-in-one. Dit toestel ziet er strak uit en garandeert ook dat het de 30MB/s haalt die de geheugenkaartjes halen. Tot op heden kopieer ik mijn foto’s via een USB-kabel op mijn D60 naar de Macbook en dat gaat tergend traag (wegens een beperking van Nikon).
Het kaartje van 4GB heb ik bij Digicamshop besteld omdat die zeer snel leveren en ik het kaartje voor het weekend wou hebben. De overige producten heb ik bij Amazon.de gekocht. Veel goedkoper dan alle andere winkels en nog is gratis shipping erbij. Verwachte leveringsdag: volgende week maandag of dinsdag. Meer moet dat niet zijn.

Mijn D60 en ik, wij spenderen tegenwoordig veel tijd samen. Sinds kort reist hij mee in een Lowepro Nova 180 AW, die de Nikon veiligheid garandeert tussen twee fotoshoots.
Tijdens het fotograferen, bengelt mijn camera echter rond mijn nek met behulp van de standaard meegeleverde Nikon “strap”. En die voldoet prima, alleen vind ik ze nogal kort waardoor mijn fototoestel soms onhandig voor mij rondzwiert.
Het liefst van al zou ik mijn “strap” diagonaal dragen zodat mijn D60 net achter mijn zij zit. Onmogelijk met de bijgeleverde riem en dus werd de zoektocht naar een goede third-party riem gestart.
Via Twitter zag ik dat nog wat andere fotografen best tevreden zijn van de BlackRapid riemen en na hun site doorzocht te hebben, heb ik de RS-5 besteld. De RS-4 is ook erg populair en heeft eigenlijk als enige verschil met de RS-5 dat het zakje op de schouderstrap zelf kleiner is. Bij de RS-5 kan je er een smartphone en nog wat ander gerief in kwijt en aangezien ik een iPhone-gebruiker ben, ging de voorkeur daarnaar uit.

BlackRapid RS-5

Alles tesamen kost de riem mij 55€, inclusief transport vanuit de VSA – BlackRapid is een Amerikaans bedrijf.
Als alles meezit zou mijn bestelling ergens volgende week geleverd worden en mag je hier een korte review verwachten!

Ondertussen ben ik al enkele maanden de zeer gelukkige eigenaar van mijn eigen (instap) DSLR – de Nikon D60, inclusief twee kit lenzen, een SB600 externe flash, een 2de batterij en twee extra geheugenkaartjes van telkens 2GB voor in het geval mijn primaire kaart van 8GB vol zou geraken. Toen ik mijn fototoestel kocht, kreeg ik er een fotograaf-rugzak bij – meer bepaald een Alpha Military Ops van Naneu Pro. Op zich is dat een zeer degelijke rugzak van een gereputeerd merk voor fotomateriaal te vervoeren, maar ten eerste vind ik die rugzak nogal groot en lomp en ten tweede is er geen plaats voor mijn Macbook weg te steken. Het ding is puur gericht op een fotograaf en zijn hele hebben en houden.
Maar geen paniek, want ik was / ben de gelukkige eigenaar van een Lowepro CompuDayPack rugzak (de oranje versie) die net zoals de Naneu Pro rugzak plaats biedt voor een fototoestel en zijn toebehoren (net iets minder dan de Naneu Pro, maar meer dan plaats genoeg voor mijn uitrusting) én daarnaast ook nog meer dan genoeg ruimte heeft om mijn Macbook, de voeding en een extra muis te herbergen. Ideaal dus! Of niet?

Lowepro CompuDayPack

Ja en nee. Zo een rugzak is ideaal als je bijvoorbeeld naar een opdracht gaat en al je gerief veilig wil meepakken tot op de plaats van bestemming. Eenmaal aangekomen pak je uit aan je bureau / locatie / … en doe je je ding. Daarvoor is de CompuDayPack perfect en daarvoor gebruik ik hem ook. Maar ik wou meer. Ik wou een schoudertas waarin al mijn cameramateriaal kon zonder met een rugzak te moeten sleuren, bijvoorbeeld voor een citytrip waarbij je wel je fototoestel mee wil pakken gedurende de dag, maar niet je laptop.

Lowepro 180 AW

En wederom hebben de gasten van Lowepro de oplossing voor mijn probleem onder de vorm van de Nova 180 AW (in de Chestnut Brown uitvoering). Alles past er perfect in, de afwerking is perfect, de tas is moduleerbaar en zit perfect wanneer je er een ganse dag mee op de baan bent, er zijn hier en daar extra zakjes voor memory cards, drinkbussen, portefeuilles, boekjes,… kwijt te geraken én er zit een “regenjas” voor de tas zelf aan vast die je heel simpel uitrolt en dan rond je tasje spant – zodat alles perfect droog blijft. Al denk ik dat het al serieus hard moet regenen om de tas zelf zodanig te doorweken dat de apparatuur erin nat zou worden… maar desalnietemin een fijne extra feature!
Vanaf nu heb ik dus geen enkel excuus meer om mijn D60 niet overal mee naartoe te sleuren en dus zal er op regelmatige basis een resem foto’s toegevoegd worden aan de Flickr account.
Lowepro is niet goedkoop, maar ook niet heel duur (ik heb 75€ betaald voor de kleine tas) en per slot van rekening is een fototoestel en zijn toebehoren ook niet goedkoop – een extra reden om te zorgen dat het goed beschermt wordt, maar toch zeer mobiel en gebruiksvriendelijk blijft.

« Older posts Newer posts »

© 2020 Unexpected.be

Theme by Anders NorenUp ↑