Unexpected.be

Telling stories for a living

Search results: "vmware labo" (page 1 of 2)

Nu mijn VCP-examen met succes achter de rug is, had ik me voorgenomen om mijn VMWare test-omgeving te scratchen en van nul terug op te bouwen. Oefening baart kunst zeggen ze, maar doorheen het studeerwerk heb ik ook enkele best-practises ontdekt die ik graag zou toepassen.
De oorspronkelijke configuratie zag er zo uit:
Server 1

  • Functie: dit was de eerste ESX-server in mijn setup
  • OS: VMWare ESX 3.5

Server 2

  • Functie: dit was de tweede ESX-server in mijn setup
  • OS: VMWare ESX 3.5

Server 3

  • Functie: deze server stond in voor de iSCSI storage emulatie met behulp van Openfiler, alsmede voor de Virtual Center omgeving. Zowel de Openfiler als de Virtual Center draaiden elk op hun eigen virtuele machine die binnen een VMWare Server 2.0 omgeving werden gehost.
  • OS: Het basis OS voor de server zelf was Windows 2003 SP2.

De Openfiler VM zorgde voor “Shared Storage” die aan beide ESX servers werd aangeboden om zo o.a. VMotion te kunnen gebruiken. De Virtual Center VM was een simpele W2K3SP2 machine met daarop de Virtual Center software (en een bijhorende database) die gebruikt werd om de volledige omgeving te beheren. Deze machine speelde ook DNS server voor de volledige omgeving.
– OS: Windows 2003 SP2
Van Server 1 en Server 2 was ik erg tevreden, al wil ik nu de partities die VMWare ESX nodig heeft customizen en niet de “defaults” volgen. Je kan dit achteraf wijzigen, maar het is veel simpeler en sneller om ESX te herinstalleren met de correcte waarden.
Het schoentje wrong echter bij Server 3: alles werkte wel zoals gepland, maar ik vond de installatie en het gebruik te ingewikkeld en met teveel overhead. Hier zou dus een mouw moeten aangepast worden bij het redesign van mijn test-omgeving.
Het “Redesign” plan:
– Server 1 & Server 2: geen veranderingen.
– Server 3: ter vervanging van W2K3SP2 met daarop een VMWare Server 2.0, heb ik gekozen om VMWare ESXi te installeren als basis OS. Resultaat: sneller en minder overhead.
Op deze ESXi omgeving zou ik dan opnieuw twee virtuele machines aanmaken:

  • Openfiler VM: net zoals voordien, moet deze machine de iSCSI shared storage leverancier worden.
  • W2K3SP2 VM: in tegenstelling tot voordien, zal op deze machine géén Virtual Center worden geïnstalleerd. Deze VM zal de rollen van Domain Controller, DNS, DHCP, WINS en WSUS op zich nemen in mijn nieuw op te richten Active Directory domein. In de vorige test-omgeving maakte ik gebruik van lokaal gedefinieerde users op de VMWare servers om alles in kannen en kruiken te leiden, maar deze keer wil ik via LDAP werken en aangezien ik Windows-omgevingen het best ken, lag Active Directory voor de hand. DNS, DHCP en WINS liggen voor de hand in een Active Directory omgeving, maar WSUS – oftewel Windows Server Update Service – misschien iets minder.

Telkens ik nieuwe (test) machines aanmaak in de virtuele omgeving, moet je deze machines net als een “echte” PC uitrusten met de nieuwste patches en updates. Je kan dit gedeeltelijk oplossen met templates te gebruiken die je dan op hun beurt up to date houdt, maar voor bestaande VM’s is dit geen oplossing. Deze machines draaien elk apart Windows Update en moeten dus elk apart alle patches en updates downloaden. Niet zo ideaal dus. Een WSUS server download al deze (voorafgedefinieerde) updates en via group policies kan je dan instellen dat je andere machines hun updates van deze server downloaden. Resultaat: sneller en minder bandbreedte / volume verspilling.
Het enige dat nog ontbreekt, is een Virtual Center installatie. Zoals ik al zei, zal deze niet op een VM draaien (nochtans wel gesupporteerd door VMWare), maar wou ik deze graag op een fysiek gescheiden machine draaien (sneller, al zou dat niet veel mogen uitmaken binnen mijn kleine test-omgeving). Aangezien ik nog een Sony VAIO laptop ongebruikt naast mij had liggen, was de keuze snel gemaakt. De VAIO beschikt over een Intel Centrino dual-core 1,66GHz CPU en 2GB RAM geheugen – ruimschoots krachtig genoeg om als Virtual Center server dienst te doen. Het basis OS is Windows XPSP3 geworden (supported OS voor Virtual Center) omdat dat toch iets sneller zal lopen als W2K3SP2 én omdat ik daar alle drivers voor bij de hand had.
En dan zijn we rond. Het moeilijkste gedeelte is alles uitdenken en uittekenen, daarna is het noeste “handenarbeid” om alles te installeren en te configureren. Gisteren heb ik alvast Server 3 zijn basis OS meegegeven en de VM’s aangemaakt (ze moeten nog geconfigureerd worden).
De VAIO heeft ook zijn OS meegekregen en Virtual Center 2.5 is ook al geïnstalleerd. Vandaag waag ik me aan de herinstallatie van Server 1 en Server 2 en als het allemaal een beetje vordert, heb ik tegen zondag een volledig werkende VMWare ESX 3.5 test-omgeving zoals ik ze wil.
By the way: de reden waarom ik voor Server 3 voor ESXi gekozen heb en niet voor ESX is simpel: beide broertjes gelijken erg op elkaar, maar er zijn toch verschillen. En niets is zo goed om een product te leren, als ermee werken. Hence the reason why…
Wordt ongetwijfeld vervolgd…

Daarnet stond UPS aan de deur met de “backend” server, voor zover de rest geen backend servers zijn natuurlijk. Zoals ik in mijn eerste blogbericht schreef, gaat het hier over een Dell Poweredge 2850 die dienst zal doen als iSCSI software emulator / storage systeem, als VMWare Virtual Center server, als DNS server en als beheermachine voor al dat lekkers.  Voor het host OS heb ik niet gekozen voor Redhat zelf voor de simpele reden dat dat OS niet gratis is, maar in plaats daarvan heb ik voor CentOS (Community ENTerprise OS) 5.3 gekozen. CentOS is gebaseerd op Redhat en dus in feite identiek, maar in plaats van dat je voor support terugvalt op de mannen van Redhat, is het hier de community zelf.
Aangezien ik in CentOS zo goed als nooit zal werken, maakt het mij allemaal niet uit. Zolang ik maar VMWare Server kan draaien op deze Linux distributie om bovenstaande machines te huisvesten.
Ondertussen is de installatie van CentOS al afgerond en is de Package Updates (Windows Update in de Linux wereld zeg maar) bezig met het systeem up to date te brengen. Eens dat klaar is, ga ik VMWare erop installeren en dan zijn we klaar voor het zwaardere werk ;-).
Morgen komt trouwens de derde en laatste server toe, een Dell Poweredge 2650 die als ESX host zal draaien naast de reeds geinstalleerde 2650. Het labo is hardwarematig dus bijna compleet en de configuratie van al die geektoys kan beginnen! Nog veel werk voor de boeg, maar oh zo plezant dat dat is!

Zoals jullie in mijn vorige blogpost konden lezen, ben ik volop bezig met me voor te bereiden op het behalen van het VMWare Certified Professional statuut. Vorige week had ik een 4-daagse opleiding, maar vanzelfsprekend verlies je al die kennis vliegensvlug als je daar niet mee bezig blijft. Alleen in boeken neuzen is interessant, maar daarmee doe je geen hands-on ervaring op en laat net dat van vitaal belang zijn om iets goed onder de knie te krijgen.
Op het werk hebben we wel enkele VMWare machines, maar ofwel draait daar productie op en daar blijf je af, ofwel is het een testmachine waarop ook andere collega’s met testen bezig zijn en dus kan ik die machine(s) niet zomaar rebooten, herinstalleren, verknoeien,… wanneer het mij uitkomt. Mijn eerste oplossing was op mijn laptop VMWare Workstation gebruiken om een testomgeving in op te zetten (daarover zal ik in de nabije toekomst eens een blogpost schrijven, misschien dat het toch wel interessant is voor sommigen onder jullie?), maar nadat ik die theorie in de praktijk had omgezet, bleek mijn ThinkPad te kreunen onder al dat virtueel geweld. Wat had je anders gedacht met volgende setup:

  • 2 x ESX server met 2GB RAM.
  • 1 x ISCSI software emulatieserver die als SAN zal dienen voor de ESX servers.
  • 1 x Windows 2003 Server (gestript met nLite) die dienst doet als Routing & Remote Access machine, maar ook als DNS server (VMWare staat of valt bij een goede DNS werking).
  • 1 x Windows XP Professional die in eerste instantie VMWare Virtual Center draait (van waaruit je de ESX servers aanstuurt voor o.a. VMotion), maar daarnaast ook dient als “management console” voor de SAN-server en alle andere testen die moeten gebeuren.
  • Binnen de gevirtualiseerde ESX servers draaien ook nog eens twee virtuele machines: eentje met een gestripte W2K3 en eentje met een Linux distro (DSL).

Mijn laptop heeft 4GB geheugen, wat genoeg blijkt voor al dit moois, onder voorbehoud dat ik het niet te bont maak. De dual-core Centrino 2 2GHz CPU houdt het ook goed vol en gaat zelden boven de 50% lopen (natuurlijk afhankelijk van wat ik doe binnen de testomgeving). Het enige probleem, dat tegelijkertijd ook verantwoordelijk is voor de “übertraagheid” van mijn virtueel testlabo, is de harde schijf.
Al dat virtueel geweld draait uiteindelijk op één enkele harde schijf, dat dan nog een laptopmodel is en op 5400 toeren per minuut loopt. En dan hebben we het nog maar alleen over VMWare Workstation en het testlabo dat daarin draait, maar we mogen niet vergeten dat mijn operating systeem zelf (Windows 7), mijn browser, mijn e-mail client,… ook nog actief zijn én eveneens op diezelfde hardeschijf losbeuken. Het resultaat is dat de schijf totaal niet kan volgen met de gevraagde commando’s en dus aan multitasking gaat doen – met een traag systeem tot gevolg. VMotion lukt trouwens niet, want de ESX komt me vertellen dat er niet genoeg resources vrij zijn om de operatie succesvol uit te voeren.
De “virtuale” testomgeving is dus ok voor kleine dingen, om een setting na te kijken bijvoorbeeld. Maar voor het serieuzere testwerk volstaat het niet en moest er een andere oplossing gezocht worden. Eerst dacht ik er aan om mijn volledige testomgeving na te bouwen / te kopiëren naar mijn vast werkstation, dat met zijn quadcore 3,4GHz, 8GB geheugen én snellere harde schijven een pak performanter is dan mijn laptop. Maar dan bleef ik met de beperkingen van de virtualisatie  binnen een virtueel platform zitten en eigenlijk wou ik toch graag een deftige testsetup opzetten om mij zo goed mogelijk te kunnen voorbereiden op mijn examens.
Tijd om nieuwe hardware te kopen dus. Maar, VMWare ESX is niet de meest gemakkelijke klant op gebied van acceptatie van hardware. De harde schijven moeten SCSI modellen zijn (sommige SATA disks werken omdat de SATA controllers soms dezelfde chipset hebben als de SCSI controllers – maar officieel is het niet gesupporteerd), de netwerkkaarten moeten ook van bepaalde types zijn (lees: Intel), de CPU’s tussen de ESX servers onderling moeten van dezelfde familie zijn,… kortom veel prerequisites dus! Je kan altijd eens piepen op Ultimate WhiteBox, een website van VMWare addepts waar je een lijst kan vinden van geteste en gevalideerde (en soms ook officieel niet ondersteunde) hardware.
Voor mezelf had ik besloten dat ik drie servers wou hebben, allemaal met officieël ondersteunde hardware. Niet omdat dat sneller zou werken of zo, maar gewoon omdat ik me moet voorbereiden op de examens en ik geen zin heb om te tweaken en te tunen om iets ongesupporteerd toch te laten werken. Nieuwe servers waren out of the question wegens veel te duur voor mijn behoeftes. Tweedehands dan maar, en wat is er dan beter dan eBay?
Na een paar uurtjes browsen, afchecken van hardware, nog wat google’en en een schematekening om te bepalen wat ik allemaal nodig heb, was de kogel door de kerk en heb ik mij hetvolgende gekocht:

  • 2 x Dell Poweredge 2650: 2 x Intel Xeon 3,06GHz CPU – 2GB RAM – 73GB Ultra320 SCSI HDD @ 10K RPM
  • 1 x Dell Poweredge 2850: 2 x Intel Xeon 3,2GHz CPU – 4GB RAM – 2x36GB Ultra320 SCSI HDD @ 15K RPM

Dell Poweredge

De 2850 krijgt een Redhat OS mee met daarop een VMWare Server installatie. Binnen deze VMWare komen er drie virtuele machines:

  • een iSCSI software emulator die de shared storage zal emuleren, nodig voor VMotion en HA testen.
  • een Windows 2003 Server die Virtual Center, RRAS en DNS voor zijn rekening zal nemen.
  • een Windows XP Professional die zal gebruik zal worden voor het beheer van bovengenoemde configuraties.

De twee 2650 machines gaan op hun beurt dienst doen als VMWare ESX servers met VMWare Infrastructure 3.5 als operating systeem. Al de servers beschikken over een dual gigabit netwerk interface en dus zullen de ESX machines één connectie naar “het netwerk” krijgen en één connectie voor “IP Storage – iSCSI dus”. Idealiter heb je drie netwerk interfaces en kan je die derde dan gebruiken voor de service console, maar ik ga die samen met de IP Storage connectie op een NIC definiëren. Als de nood hoog is, kan ik nog altijd een extra NIC bijplaatsen, maar voorlopig ga ik het zo doen.
Al de servers zijn trouwens rack-mountable modellen, “pizzaboxes” zoals wij ze wel eens noemen, beschikken over redundante power supplies, hebben cd-rom (2650) of dvd-rom (2850), VGA, PS2 en USB2.0 aansluitingen aan voor- en achterkant en maken gigantisch veel lawaai wegens extreme fans die ervoor moeten zorgen dat die dingen in alle omstandigheden up & running blijven. Je kan er dus van op aan dat die dingen enkel online gaan zijn wanneer ik er effectief testen op wil doen, tenzij ik ergens een kleine rack op de kop kan tikken en dat ding in de garage of zo kan opstellen… ;-).
Gisterenavond heb ik de eerste ESX server al geïnstalleerd, weliswaar zonder shared storage en dus met een virtuele testmachine op de local storage, en dat ging zeer vlotjes. Meer dan genoeg resources available. Vandaag verwacht ik de levering van de 2850 server en dan kan ik al beginnen met de setup van de backend voor mijn ESX omgeving. En tegen dat die goed en wel opgezet is, is het weekend alweer voorbij en staan ze met de derde en laatste server aan de deur.
Wordt zonder twijfel spoedig vervolgd…

Professioneel ben ik op regelmatige basis bezig met het opzetten van demo en POC (Proof Of Concept) omgevingen. In januari van dit jaar hadden we ook enkele demo booths op Storage Expo 2010 waardoor ik ondertussen een basis heb opgebouwd om snel een omgeving op te zetten.
Niet helemaal onverwacht gezien mijn interesse in virtualizatie, maak ik in 90% van de gevallen gebruik van een VMWare oplossing om mijn demo-omgeving op te bouwen. Met die wetenschap in het achterhoofd, zijn er in feite twee opstellingen mogelijk:
Wanneer rauwe rekenkracht ondergeschikt is:
– Lenovo ThinkPad R500
– Intel Core 2 Duo 2.0GHz
– 320GB HDD on-board + 48GB SSD via PC-Card slot + 500GB mobile HDD via USB 2.0
– 4GB RAM
– MS Windows 7 Ultimate
– VMWare Workstation 7
In dit geval draait alles op en rond mijn lokaal geïnstalleerde VMWare Workstation 7 virtualizatie software waarin ik mijn virtuele machines aanmaak. De VM’s (virtuele machine’s) met de meeste I/O plaats ik op de SSD, de overige machines op de mobiele schijf. Ik tracht zoveel mogelijk de interne harde schijf te sparen, want die is de grootste bottleneck in dit verhaal.
Dit “mobiele” labo gebruik ik vooral voor functionele demo’s waar je bepaalde features van een product wil laten zien. Performantie is van ondergeschikt belang, want daarvoor is er puntje twee, namelijk…
Wanneer performantie belangrijk is:
SUN X4275 server
– 64GB (of meer) RAM
– 2 x Intel QuadCore 2.26GHz
– 6 x 300GB SAS 15K HDD in RAID5 (RAID level hangt af van doel, soms RAID0,RAID10 of RAID50)
– 16GB Flash Disk (buffer voor bv. swapfiles)
– 8 x Gbit ethernet NIC
– 2 x Fibre-Channel HBA (4Gbit)
– VMWare vSphere Update 1

Bovenstaand “labo” is nog altijd mobiel, maar vanzelfsprekend minder mobiel dan mijn ThinkPad. Deze omgeving is dan ook eerder gericht op demo’s tijdens workshops, events, product launches,…

Hier is het OS van de machine in kwestie geen Microsoft variant, maar VMWare’s meest recente hypervisor – vSphere Update 1. Eenmaal dat vSphere geconfigureerd is, installeer (of beter gezegd, “upload” want ik recycleer mijn VM’s) ik de virtuele servers / workstations en kan de fun beginnen. Gezien de disk capaciteit, het overschot aan netwerkkaarten, de acht fysische CPU cores en niet te vergeten, het broodnodige RAM geheugen kan ik op dit platform zo goed als alles tonen wat ik wil.
Het management van de deze tweede omgeving gebeurt trouwens opnieuw via de ThinkPad, met behulp van de VMWare Infrastructure Client of “de VIC” voor de vrienden. De VM’s zelf configureer ik in eerste instantie via de console view, maar eenmaal het netwerk in orde is, verkies ik een simpele RDP connectie wegens voor de hand liggende redenen.
Voila, daarmee heb ik de basis van mijn testlabo’s uit de doeken gedaan. In de volgende artikels zal ik enkele concrete demo omgevingen uit de doeken doen dus stay tuned for more virtual geekness ;-).

Mijn ThinkPad volgt mij professioneel gewijs altijd en overal en aangezien ik vaak dingen moet kunnen testen, draait er op mijn laptop VMWare Workstation 7 – gratis gekregen door toe te treden tot de VCP4 kudde – met daarin een mobiel labo. Op dat mobiel testlabo draait een serieuze waslijst aan servers:

  • VMWare ESX 3.5 Server
  • VMWare ESX 3.5 Server (kwestie van VMotion te kunnen doen met de eerste)
  • VMWare VCenter Server voor bovenstaande ESX servers
  • VMWare vSphere 4 Server
  • VMWare vSphere 4i Server
  • VMWare vSphere 4i Server (kwestie van VMotion te kunnen doen met de eerste)
  • VMWare VCenter vSphere Server voor bovenstaande vSphere ESX servers
  • Openfiler iSCSI SAN emulatie server
  • Wiki Server waarin ik veel documentatie en info dump
  • Drie W2K3 SP2 servers die dienst doen als Active Directory, DHCP en DNS servers (twee van de drie) en als test server
  • Windows XP Pro test machine
  • VCB Server zodat ik VMWare Consolidated Backup kan testen in bovenstaande omgeving
  • Networker Server met zoals de naam al doet vermoeden EMC Networker Backup Server

Alle servers tegelijkertijd laten draaien is geen optie omdat er niet genoeg geheugen / CPU rekenkracht in mijn ThinkPad (of eender welke andere laptop for that matter) zit om dat mogelijk te maken zonder dat alles aan een slakkegangetje vooruit gaat. Gelukkig heb ik ook nooit alle servers tegelijkertijd nodig, maar het gebeurt wel eens dat er twee ESX servers + een VCenter + VCB + een Networker server tegelijkertijd draaien, wat als geheel toch een serieuze impact heeft op de beschikbare resources.
Mijn laptop beschikt over 4GB RAM en een dual-core Intel Centrino 2 processor op 2.0GHz wat net genoeg is om een deftige testomgeving werkbaar te maken. VMWare Workstation levert goed werk door de beschikbare resources deftig te managen waardoor alles werkt zoals ik verwacht. Er is echter één bottleneck waar geen enkele software iets aan kan doen: de harde schijf.
Hoe je het ook draait of keert, het geheel loopt op één enkele “spindle” oftewel harde schijf, wat nefast is voor de performantie. Zowel de virtuele machines als het host-besturingssysteem – mijn Windows 7 dus – gebruiken dezelfde harde schijf en allemaal op verschillende momenten – problematisch!
Om dit te counteren zit er in een van de PC-Card sloten een SSD-disk van 48GB waarop naast een “ReadyBoost” partitie (extra swapfile waardoor Windows iets pittiger zou moeten zijn), de “zwaardere” virtuele machines draaien. Meestal zijn dit de ESX servers, maar het gebeurt al eens dat ik er SQL servers op draai (veel I/O).
Maar daarmee is mijn probleem nog niet volledig opgelost! 48GB is leuk, maar eigenlijk veel te weinig. Een SSD van 128GB of 256GB zou al beter zijn, maar ik heb niet direct zin om meer dan 500€ uit te geven. Ik zocht een goedkope oplossing die mobiel is en toch extra performantie met zich meebrengt. U raadt het al, ik heb een externe harde schijf ter hulp geroepen.
Mijn keuze is gevallen op de iOmega Select Mobile Hard Disk van 500GB. Het “Select” gedeelte wijst er in feite op dat het over een budget harde schijf gaat, maar de term budget is nogal slecht gekozen. De duurdere broertjes hebben meestal een mooiere shell (al vind ik de mijne ook wel netjes), krijgen er “gratis” backup software bij (die ik toch niet gebruik) en beschikken soms naast USB2.0 ook over FireWire / eSata aansluitingen. Die laatste had ik eventueel wel zien zitten, maar ik had geen zin om daarvoor twee keer zoveel geld uit te geven. En dus was de keuze snel gemaakt – 69€ voor een mobiele schijf van 500GB. Let op: het gaat hier over een 2.5″ exemplaar dat stroom via de USB-poort krijgt, niet over een “gewone” 3.5″ externe schijf met aparte voeding. Ik ben me bewust dat je daar meer opslag / snelheid voor je geld krijgt, maar de focus lag op mobiel.

Waar vroeger een waslijst aan virtuele machines op mijn laptop disk stonden te pruttelen, is de impact vanaf nu verdeelt over mijn externe mobiele schijf en mijn interne SSD van 48GB. Deze combinatie houdt mijn laptop snel zodat ik naast mijn testlabo ook nog andere dingen kan doen, iets wat vroeger meestal onmogelijk was.

De enige bottleneck die ik nu nog heb is het RAM geheugen en de CPU, en dan vooral dat eerste. Mijn laptop kan met 4GB uitgebreid worden tot een totaal van 8GB intern geheugen, maar de kostprijs van 400€ vind ik er een beetje over… dus voorlopig doen we het zo, tot de prijzen van het RAM geheugen weer eens in elkaar zakken ;-).

Het gerucht blijkt waarheid te zijn: VMWare heeft Zimbra overgekocht van Yahoo! en heeft daarmee weer een extra product in handen om hun “software / platform as a service” concept (vCloud) meer kracht bij te zetten.
Zimbra is een open-source “collaboration & messaging suite” dat zoals de naam al aangeeft e-mail, instant messaging, calendar & document management aanbiedt. Een geduchte concurrent voor Microsoft Exchange / Outlook die vandaag al gebruikt wordt bij verschillende grote & kleine bedrijven, maar ook in veel universiteiten.
En het werkt ook nog is perfect samen met Outlook, Thunderbird, Mail, iCal,… maar ook met mobile devices zoals de iPhone, Blackberry, Palm en Windows Mobile.

Net geen drie maanden terug heb ik met succes mijn VMWare Certified Professional 3 examen (VCP-310) afgelegd en ben ik officieël VCP3. Dit examen en certificaat is gebaseerd op VMWare Infrastructure 3 en ongeveer een week nadat ik mijn examen afgelegd heb, werd de nieuwe versie van het examen beschikbaar gemaakt. Deze nieuwe versie behandelt de nieuwste versie van VMWare’s infrastructuur oplossing, nl. vSphere (oftewel VMWare Infrastructure 4).
vSphere is de opvolger van VI3 en biedt nieuwe features, een update van de GUI, meer snelheid, meer stabiliteit,… kortom, een beetje zoals Windows 7 ten opzichte van Windows Vista staat. Een upgrade van het OS zeg maar, want in essentie zijn VI3 en vSphere operating systems die toelaten om virtuele servers te draaien.
Aangezien mijn certificaat enkel geldig is voor VI3, moet ik voor vSphere opnieuw een examen afleggen zodat ik mij ook voor vSphere kan certifieren en VCP4 kan worden. Dit examen luistert naar de naam VCP-410 en zou in essentie niet echt een probleem mogen vormen. De basis blijft gelijk, er zijn enkel nieuwe mogelijkheden bijgekomen ten opzichte van de vorige versie, waardoor het studeren net iets simpeler zou moeten zijn dan de vorige keer.
Ik heb volgende week woensdag 9 december een afspraak in het examencentrum. Tegen dan moet ik het allemaal onder de knie hebben en klaar zijn, wat zoveel wil zeggen als een week van studeren en dingen testen in mijn labo (waarover ik later meer schrijf).
Op zich allemaal geen probleem, was het niet dat ik aanstaande maandag ook al een examen heb ingepland: EMC E20-001 – Information Storage & Management. Die laatste omvat al de basisbegrippen rond storage in een datacenter, dus in principe zou dit geen enkel probleem mogen zijn daar ik al die zaken al zou moeten kennen.
Het beloven drukke dagen te worden ten huize Unexpected, wish me luck!

Vorige week donderdag, 3 september 2009, was het eindelijk zo ver: D-day was aangebroken, de dag waarop ik na veel studeren en oefenen mezelf richting examencentrum zou begeven om “het” examen af te leggen…
Eind juni heb ik een de cursus “Install & Configure VMWare Infrastructure V3.5” gevolgd bij Distrilogie met het oog op het behalen van mijn VCP – VMWare Certified Professional – statuut. Zelfs indien je van denkt dat je het examen tot een goed einde kan brengen zonder opleiding heb je pech, want VMWare verplicht je om minstens 1 cursus te volgen alvorens je je examen mag afleggen.
Enerzijds zou je denken dat dit pure geldklopperij is, maar anderszijds kan je het ook bekijken als een manier om toch te garanderen dat wie zijn examen tot een succesvol einde brengt, zeker iets van VMWare kent aangezien hij/zij een vier(vijf)daagse opleiding genoten heeft.
Persoonlijk ben ik er niet van overtuigd dat je na het volgen van zo een cursus direct klaargestoomd bent om je examen af te leggen. VMWare Infrastructure is redelijk veelzijdig en af en toe toch wel complex, waardoor enig studeerwerk en vooral “hands-on expierence” meer dan welkom is om je voor te bereiden.Vandaar dat ik na mijn opleiding op zoek gegaan ben naar een drietal servers om thuis een VMWare-labo op te zetten, een sandbox / playground zeg maar waar ik zoveel ik wou kon prutsen, knoeien, herinstalleren en testen.
De cursusboeken die ik in de eerder genoemde opleiding gekregen heb, zijn van goede kwaliteit, maar toch heb ik nog veel andere zaken doorgenomen waarvan ik volgende serieus kan aanraden aan iedereen die interesse heeft in VMWare en virtualizatie in het algemeen:

  • Virtualization for Dummies – de welgekende reeks van “for dummies” en deze keer zelfs gratis! Geeft een algemeen beeld van de virtualizatie en waarom je er interesse in zou moeten hebben. Gratis te downloaden bij SUN.
  • VMUG.nl – VMWare User Group te Nederland waar ik vooral veel info gevonden heb in het forum. Erg behulpzame leden daar. België heeft ook een VMUG, maar daar zie ik zeer weinig actie…
  • De VMWare whitepapers – gratis en boordevol informatie. Vaneigens heel erg veel documentatie, maar oh zo belangrijk en interessant.
  • Master VMWare Infrastructure 3 uitgegeven door Sybex – persoonlijk vond ik dit een van de betere boeken die ik vastgehad heb en dus een aanrader.
  • VCP-exam BluePrint: wat VMWare opgeeft als te kennen materiaal voor het examen. Zorg dat je alles op deze lijst kent.
  • Blogs. Veel blogs. Van VMWare guru’s. Teveel om hier op te noemen, dus ik zal die eens in een apart blogpostje bij elkaar gooien. Niet zo zeer van belang om te studeren, maar wel om je te helpen een beeld te vormen van de VMWare wereld en om eens een andere insteek te horen.

Met bovenstaande hulpmiddelen én hands-on experience zou het allemaal in orde moeten komen. Indien het aankopen van test-machines niet tot de mogelijkheden behoort, maak dan zeker gebruik van VMWare Workstation 6. Tegenwoordig is het mogelijk om in VMWare Workstation een installatie te doen van VMWare ESX, waardoor je dus kan testen op een ESX-omgeving, weliswaar allemaal iets trager maar bon…
Anyway. Zoals ik al zei, heb ik eind juni de opleiding gevolgd en daarna ben ik begonnen met praktijkervaring op mijn test-omgeving gecombineerd met veel leeswerk. Na twee maanden ondergedompeld te zijn in de wereld van VMWare had ik het gevoel dat ik er klaar voor was (althans, voor zo ver dat je dat kan, want ergens blijf ik altijd twijfelen) en schreef ik me online in voor het examen in het dichtsbijzijnde Pearson Vue examencentrum – in mijn geval was “Telindus / JCAcademy” te Haasrode / Leuven.
Het examen kost net geen 200€ die je betaalt na het kiezen van de datum en aanvangsuur, allemaal volledig online natuurlijk. Ze vragen om minstens een kwartier op voorhand in te checken voor je examen, want je moet nog een paar agreements doornemen en ondertekenen en wat foto’s laten maken, allemaal nadat je twee identificatiedocumenten hebt voorgelegd waarvan er minstens één met foto moet zijn.
Daarna moet je al je hebben en houden afgeven (rugzak, GSM, sleutels,…), kwestie van cheaten te voorkomen (je wordt trouwens ook gefilmd tijdens het examen), en word je begeleid naar het examenlokaal waar een aantal computers opgesteld staan om examens af te nemen. Het examen bestaat uit 75 vragen en je krijgt 90 minuten om ze op te lossen (+ een extra 30 minuten indien je moedertaal verschillend is van Engels). In mijn geval had ik dus 125 minuten om het examen af te leggen.
Na veertig minuten was ik klaar met het examen (nog is nagelezen ook, kwestie dat er geen kemels in staan) en heb ik met de nodige spanning op de “End Exam” knop gedrukt waarna er enkele momenten later “Congratulations” op het scherm verscheen! Ik was geslaagd! wOOt!
Bij het buitengaan viel de stress van mijn schouders. Stress, of beter gezegd de druk om te slagen in het examen zeg maar. Euforie deed zijn intrede en onderweg naar huis heb ik mij volledig afgereageerd op de meest recente Kings of Leon cd 😉 – weliswaar veilig in het verkeer!
Sinds drie september ben ik dus officieël VCP3, maar aangezien sinds kort VCP4 beschikbaar is (VMware Certified Professional voor VMWare Infrastructure 4.0, beter gekend als vSphere), is het slechts een kwestie van tijd alvorens de hele molen van studeren, oefenen en examen afleggen opnieuw begint te draaien.
Het leven zoals het is: IT’er. Constant bijleren. Constant grenzen verleggen.

Om VMWare en in het bijzonder ESX onder de knie te krijgen en mezelf voor te bereiden op het VCP examen, volstaat een test labo natuurlijk niet. De cursusboeken die ik gekregen heb bij de opleiding zijn best ok, maar gaan zoals vaak met cursusboeken niet diep genoeg in op de verschillende onderdelen.
Daarom heb ik enkele boeken bij elkaar gezocht die me moeten helpen en tot nu toe (ik ben ze zowat allemaal tegelijkertijd aan het lezen, van links naar rechts, diagonaal en van voor naar achter) bevallen ze me uitstekend:

Ik heb voor de links gebruik gemaakt van de website van HCW, maar als je interesse zou hebben om deze boeken aan te kopen, check dan ook de site van Amazon, Proxis,… en vergelijk prijzen. Soms zitten daar namelijk serieuze verschillen!
Als je geen geld wil uitgeven aan zulke boeken, dan is de website van VMWare zelf natuurlijk ook altijd aan te raden. Het staat er vol met documentatie, whitepapers, technical papers, FAQ sheets,… en zo voorts. In sé doen boeken niet meer dan die informatie herschrijven, dus als je zin hebt om alles zelf te doorzoeken – be my guest. Een voordeel van boeken zoals VCP Test Prep is dat er na elk hoofdstuk een resem voorbeeldvragen komen, zodat je je kennis kan toetsen.
Als er nog iemand tips heeft voor interessante lectuur of websites met interessante artikels, shout it out in the comments please!

Data, of beter gezegd, virtuele machines kopiëren van of naar een datastore in je VMware omgeving, kan een tijdsconsumerende taak zijn. Zonder gebruik van third party tools, doe je dit via de VMware Infrastructure Client met behulp van de datastore browser. Op zich werkt dat wel, maar het is nogal aan de trage kant en niet altijd even betrouwbaar.
De mensen van Veeam hebben daar gelukkig een oplossing voor: Veeam Backup and FastSCP. Hun backup oplossing is niet gratis, maar hun FastSCP tooltje is dat wél en dat werkt zeer goed en veel sneller dan de ingebouwde tool van VMware zelf.
Als je nu net als mezelf een x64 OS op je computer hebt staan, dan krijg je een serieus lange foutmelding te zien op het moment dat je een folder met daarin de bestanden van je VM naar een datastore wil kopiëren (met “800700c1” op het einde van de boodschap).
Veeam zegt dat het op te lossen is door een x32 OS te gebruiken omdat hun ondersteuning voor x64 nog experimenteel is, maar ik ga mijn portable niet herinstalleren voor die reden + ik wil eigenlijk helemaal geen x32 OS meer.
Zeer cryptisch allemaal, maar eigenlijk zeer simpel op te lossen! Ofwel kopieer je geen folders, maar losse bestanden, maar dat  is geen optie in mijn geval daar ik een volledig labo wil uploaden van mijn externe schijf naar mijn VMware omgeving en ik heb geen zin om dit file per file te gaan doen (per VM).
Een andere workaround is om niet naar de datastore te browsen in Veeam FastSCP, maar om via de host te gaan en daar dan naar de VMFS volumes te zoeken om dan je copy op dat niveau te doen. Even goed, alleen eventjes zoeken.
Beste oplossing: de workaround van VirtualVCP volgen waardoor Veeam FastSCP gewoon werkt op alle niveaus. De exacte how-to kan je hier terugvinden, maar het komt er in feite op neer dat je een bepaalde SDK van Microsoft moet installeren en dan een commando ingeven in een CMD-venster om deze SDK door Veeam te laten gebruiken.
Vijf minuutjes werk voor veel gebruiksgenot nadien ;-).

« Older posts

© 2019 Unexpected.be

Theme by Anders NorenUp ↑